zondag 8 november 2015

De halve waarheid in het islamdebat - deel 2



‘..a time in wich not only leaders of Islamism but also mainstream Islamic leaders, Western scholars, some journalists, and many others impose limits on what is permissible to think and say about Islam en Islamism..’
                                                                                               Bassam Tibi                                     

In het eerste deel van dit artikel heb ik geprobeerd uiteen te zetten waarom ik in grote lijnen de meeste islamcritici kan volgen, maar niet altijd in hun specifieke argumentaties, noch in hun extreme focus op de begintijd van de islam ten nadele van de gehele islamitische geschiedenis met haar talrijke culturele, wetenschappelijke en mystieke bloeiperioden, omdat ze met die houding onbewust de beeldvorming volgen van de jihadisten die zich eveneens baseren op de vroege islam, met negatie van de islamitische geschiedenis. Ze maken zich in spiegelbeeld beiden aan hetzelfde schuldig, maar dit punt vraagt nadere uitleg.  

Nog erger dan eenzijdige islamkritiek is de houding van de links-liberale elite in Europa die denkt met haar Ć” priori morele gelijk elke vorm van kritiek op de islam van de hand te wijzen als ‘fascistisch’ of ‘racistisch’, wat vooral een uiting lijkt te zijn van het nog onverwerkte Europese oorlogsverleden. Om niet terug te vallen op de fascistische erfenis van het verleden via extreem-rechts, sluit men de ogen voor de fascistische en antisemitische elementen in de politieke islam en verguist haar critici, om zodoende op termijn de volgende Holocaust mogelijk te maken. 


Naar aanleiding van de discussie bij Buitenhof (1) heb ik me verder verdiept in de ideeĆ«n van Wim van Rooy middels diverse interviews. Zijn boek ‘Waar men niet over spreekt’ heb ik nog niet gelezen, maar uit de interviews door de jaren heen komt een goed beeld naar voren van hoe hij denkt over de islam. Zijn sympathie gaat weliswaar uit naar hervormers en liberale denkers in de islamitische wereld, maar omdat deze vaak te weinig weerklank vinden in eigen kring en in Europa vaak worden weggezet als onruststokers en provocateurs heeft hij hun ideeĆ«n niet tot leidend principe gemaakt in zijn eigen visie. En dat is jammer, omdat weinig weerklank vinden geen goed argument is om aan de logica te ontsnappen van denkers als Tibi. Naar mijn idee wordt door Van Rooy de islam als traditie geweld aangedaan en het christendom onnodig positief geportretteerd (wat ik van atheĆÆsten helemaal slecht kan verdragen) en om die reden neem ik het woord geschiedvervalsing in de mond, hoewel ik het met zeker tachtig procent van zijn islamkritiek eens ben, zowel in culturele als in ideologische zin.

Het heetste hangijzer

Waar het westen en de in het westen wonende moslims beiden mee geconfronteerd worden, is een groeiend besef van de uitgebleven ontmythologisering van het geloof in de islamitische wereld. In het westen is de wetenschap opgerukt ten nadele van de kerk, die ƩƩn voor ƩƩn haar geloofswaarheden en dogma’s zag sneuvelen met als uiteindelijk gevolg de door kennis bekrachtigde geĆ«mancipeerde burgers die de kerk verlieten, niet van plan om onbewijsbare geloofszaken en de macht van de kerk nog langer hun leven te laten domineren. De fout van het westen was te denken dat nieuwkomers vanzelf in dat spoor zouden volgen en met name politiek links heeft dat gedacht. Door de sociaal-economische inbedding van moslimmigranten in onze samenleving, die werd overgoten met een multicultureel sausje, zou hun afhankelijkheid van religieuze ideologie vanzelf minder worden. Ze zouden vreedzaam kunnen samenleven met christenen, humanisten, atheĆÆsten of zelfs hun geloof vaarwel zeggen. Maar dat pakte heel anders uit. Geloofsafval is het heetste hangijzer in het hele islamdebat en je hoort politiek links er vrijwel nooit over. In de islam kwam de moderne wetenschap als een ‘product’ binnen, een technisch vernuft en niet als een bevrijding van dogma’s . Op geen enkel moment kwamen de islamitische geloofswaarheden in gevaar, want die strijd werd gevoerd in Europa.

Verdraaiing van de traditie

De huidige generatie moslimjongeren in Europa wordt tegen de verwachting in juist mƩƩr religieus en niet minder, wat een behoorlijke misrekening is, want de gevolgen daarvan blijven niet uit. De invloed op jonge moslims komt vaak uit de hoek van het islamisme/jihadisme (traditionele imams klagen dat jongeren de geschriften volgens ‘doe-het-zelf-principe’ verkeerd interpreteren) en zet ze actief op tegen westerse waarden en democratische principes. Dit is met name een probleem, omdat politici het verschil niet begrijpen tussen de traditionele islam en het islamisme, waardoor ze zijn gaan geloven dat het islamisme/salafisme een soort ‘revival’ is van de islam. Zoals Tibi heeft aangetoond gaat het om iets heel anders; een volkomen verdraaiing van de traditie, met verstrekkende gevolgen voor de veiligheid van Europa en de VS. De beweging is vooral moeilijk te bestrijden, omdat ze gebruik maken van de gezaghebbende teksten over het leven van de profeet zoals te vinden in de Hadith van Bukhari. Als radicale moslims (islamisten) daarmee schermen, over bijvoorbeeld het ter dood brengen van afvalligen, dan kunnen de zogenaamd gematigde moslims (traditionele moslims) daar weinig tegen inbrengen. Ten eerste omdat ze de meeste teksten niet kennen, want de feitelijke inhoud van de geschriften werd eeuwenlang overgelaten aan de theologen en juristen en ten tweede, omdat ze wordt wijsgemaakt dat de latere toevoegingen aan de islam door islamisten, een voortzetting zijn van de traditie en dus legitiem.

Khalid Yasin

Gewone moslims komen in een vreemde spagaat van aan de ene kant het geweld en de intolerante passages in hun religieuze teksten te willen omzeilen of  ‘in de historisch context’ te plaatsen, terwijl ze aan de andere kant als gelovigen worden aangemoedigd de profeet, die als voorbeeldig rolmodel geldt, in alles na te volgen. Voor de gemiddelde moslim die is opgegroeid met een volkomen geĆÆdealiseerd beeld van de profeet zijn veel bronteksten waar ze niet eerder kennis van hebben genomen erg schokkend. Daar komt bij dat ook veel teksten en verhalen die ze wel kennen, in het licht van de moderne tijd met veel minder waardering worden uitgelegd dan in de eigen traditie die zonder meer uitging van het onbetwijfelbare ‘ware geloof’, waarin voor elk moeilijk aspect wel een vrome verklaring was verzonnen. 

Dat zien we in hedendaagse prediking van iemand als Khalid Yasin, die heel populair is onder moslimjongeren wereldwijd, die vertelt dat gewone mensen de ‘wijsheid van Allah niet kunnen begrijpen’ toen hij Mohammed gebood met een zesjarige te trouwen. De profeet was vierenvijftig en Aisha was negen toen hij voor het eerst gemeenschap met haar had. (2) Vanuit de theologie van de islam is het bijzonder moeilijk om het te veroordelen, want deze persoon bracht de boodschap van God, dus kon het niet verkeerd zijn. Een conclusie die volgt uit een onbewijsbare aanname, namelijk dat de Koran het woord van God is. De geloofswaarheid zit het rationele verstand, de goede smaak en de moderne rechten van de mens in menig opzicht in de weg. Ook de historische relativering dat kindbruidjes vaker voorkwamen in die tijd biedt hier geen uitkomst, want als boodschapper van God en ‘beste mens die ooit bestaan heeft’ had Mohammed, die wel met andere kwalijke praktijken afrekende in de toenmalige Arabische cultuur (zoals het levend begraven van pasgeboren meisjes) ook best een einde kunnen maken aan dit gebruik.

'Gematigde islamisten'

Het punt dat Wim van Rooy en veel andere islamcritici willen maken is dat culturele en religieuze vooroordelen en taboes de emancipatie en integratie van moslims in het westen tegenhouden en dat is voor een groot deel terecht. Maar ze vermengen helaas het probleem van de open godsdienstkritiek die in de islamitische wereld nooit mogelijk was, met de politieke islam en haar beĆÆnvloeding van moslimjongeren in Europa en de VS (en wereldwijd). Door deze zaken niet uit elkaar te houden, de broodnodige verlichting voor de islam door rationaliteit toe te passen op geloofszaken en de toenemende invloed van een totalitaire en bewerkte islamitische ideologie op het westerse politieke bestel, wordt de islam als geheel verkeerd voorgesteld. Het gevaar daarbij is dat juist de ontwikkelde, geĆÆntegreerde en succesvolle moslims in het westen worden buitengesloten en de minder ontwikkelde moslims sneller zullen radicaliseren en bijvoorbeeld naar SyriĆ« afreizen. De slordigheid in het analyseren van de politieke islam en het weigeren te doorzien dat de ‘gematigde islamisten’ een verborgen agenda hebben, ook al doen ze zich modern en verdraagzaam voor, maakt dat rechtse krachten in de samenleving steeds feller tekeer gaan tegen de historische Mohammed aan wie de jihadisten zich zo graag spiegelen. Hoezeer er ook een direct verband bestaat tussen hun terreurdaden en passages uit de traditie, het is een associatief en gefabriceerd verband , omdat het niet wordt ondersteund door de traditie.

Drie islamperioden

Voor een eerlijk islamdebat moeten we de historische werkelijkheid onderkennen dat de islam ook heeft bijgedragen aan de wetenschap, filosofie, kunst, architectuur, literatuur, mystiek, muziek, medische kennis, enz. En dat kan niet afkomstig zijn van godsdienstwaanzinnige barbaren. De islam was in beginsel een weinig ontwikkelde cultuur, maar is in de loop van eeuwen zichzelf overstegen (en haar stichter) door een synthese van de islamcultuur met de kennis, tradities, politieke en bestuurlijke kwaliteiten van de door hen veroverde volken. Er zijn drie islamperioden die we kunnen onderscheiden:

1 Mohammed en de Arabische expansie (eerste honderd jaar)
2. Middeleeuwse ‘brede islam’ (traditie).
3. Koloniale islam en postkoloniale tijd met groeiend extremisme en politieke islam.

Om met het derde punt te beginnen, de koloniale en postkoloniale tijd is voor moslims alleen maar pijnlijk, omdat in die periode de islam in verval raakte en er nooit meer van hersteld is. De tweede periode stemt overeen met hoe veel moslims hun eigen geloof en cultuur graag zien, een brede islam die stabiel was en die veel verscheidenheid kende, zowel in volkeren, talen, culturen als geloofsrichtingen (binnen de islam) en met redelijk goede betrekkingen met christenen en joden in verschillende bloeiperioden, met name in het Arabisch Spanje. De eerste periode is voor gemiddelde moslims een idyllisch sprookje, de ideale tijd toen de profeet leefde en de mensen die hem goed gekend hadden. De begintijd is ‘heilige geschiedenis’, maar heeft vanuit cultureel standpunt weinig te bieden. Alle grote prestaties van de islam zijn van de latere tijd en daarvoor heeft ze veel invloeden van andere culturen overgenomen. Deze ‘geĆÆmporteerde invloeden’ is waar islamisten zich met name tegen verzetten en dit vormt de basis van hun antiwesterse houding. Voor islamisten is enkel de begintijd van belang en alles wat daarna kwam is verdacht, want dat gaf niet-islamitische invloeden. De oplossing van de politieke islam voor de wereldwijde crisis in de islam (als gevolg van met name de laatste driehonderd jaar neergang door westerse wetenschappelijke en militaire suprematie) is de ‘islamitische oplossing’, wat in de praktijk zoveel betekent als nog dieper wegzinken in het moeras van de achterlijkheid.

Het religieus-mythologisch paradigma

Ze verwerpen de tijd waarin de islam nog verschillende grote wetenschappers kende, beroemde mystici, bekwame chirurgen en architecten, wiskundigen en astronomen en idealiseren een beginnende geloofsgemeenschap in het zevende eeuwse ArabiĆ«. De feitelijke reden voor de crisis in de wereld van de islam, te weinig wetenschap en burgerrechten, versterken ze juist door hun regressieve geweldverheerlijking en monolithische geloofsbeleving. Hier moeten islamcritici juist niet in meegaan als ze de islam bespreken, want ze kunnen beter jonge moslims voorhouden dat hun eigen traditie anders is dan dat, breder, rijker en toleranter. Inhakken op de profeet Mohammed zet naar mijn idee weinig zoden aan de dijk om de ontmythologisering te bewerkstelligen voor een religie die op collectief niveau nog leeft in een religieus-mythologisch paradigma en niet in een wetenschappelijk-individueel georiĆ«nteerd wereldbeeld zoals dat van de westerse samenleving. Dat het centrale probleem voor de islam de moeizame omgang met de moderniteit is, daar zijn de meeste islamcritici het wel over eens, maar naar mijn idee is het eerder hun grenzeloze ergernis over de houding van de politiek-culturele elite in het westen die ze ertoe aanzet de islam met dwang te willen moderniseren (door harde woorden en schokkende onthullingen) dan een redelijk streven naar verlichting en emancipatie voor moslims. Want voordat ik dat laatste kan geloven, moeten ze eerst afstand doen van de belachelijk positieve waardering van het christendom als ‘beschaafde religie, met humaniteit en eigen verantwoordelijkheid’ alsof al het goede van de mens intrinsiek in dat geloof te vinden zou zijn (volgens Van Rooy in de bronteksten).

Gedwongen tot bescheidenheid

De eveneens uit SyriĆ« afkomstige filosoof Sadiq Jalal Al-Azm heeft reeds in de jaren zestig een vernietigend essay geschreven over hoe het christendom door het verlies van haar dominante positie als gevolg van de wetenschappelijke opmars wel gedwongen was tot een houding van bescheidenheid, maar dat ze er niet om gevraagd had en het ook niet zonder slag of stoot had aanvaard. (3) In werkelijkheid was de christelijke gang naar de moderniteit een smadelijke nederlaag en een pathetisch gebeuren, waarbij zij zolang mogelijk probeerde vast te houden aan zekerheden die reeds door de wetenschappelijke onderzoekingen onderuit waren gehaald. En de hardvochtigheid van de katholieke kerk tegenover katharen, bogomielen en protestanten (die naar de Nederlanden vluchtten) mag als algemeen bekend worden verondersteld voor wie enige historische kennis heeft. Als we daarbij de pogroms optellen tegen joden in het christelijke Polen en de uitroeiing van joden door het op christelijke waarden gebouwde nazi-Duitsland en het algemeen aanwezige antisemitisme in Engeland, Frankrijk en de Verenigde Staten voor de oorlog (autofabrikant Henry Ford was een fanatieke  antisemiet) dan mag wel duidelijk zijn dat totalitair denken onze eigen cultuur ook niet vreemd is, maar dat gelukkig de rede en de menselijke waardigheid het voorlopig hebben gewonnen.
  
Gelijke behandeling

In plaats van scheve vergelijkingen te maken tussen religies zou ik er liever voor pleiten moslims de kans te geven de rationaliteit te integreren in hun geloof (voor zover ratio niet per definitie strijdig is met openbaringsgeloof) en ze niet anders te behandelen dan christenen in dat opzicht. Het is vreemd dat moslims door islamcritici aan de letterlijke inhoud van hun geschriften worden gehouden, terwijl ze bij christenen wel toestaan dat dezen een middenweg bewandelen tussen geloof en rationaliteit. Geloven dat Jezus de Zoon van God is, maar wetenschappelijk twijfelen aan de bewering dat hij over het water zou hebben gelopen. (Ik ben het met de dieptepsycholoog Carl Gustav Jung eens dat er kraak noch smaak zit aan het ontmythologiseerde christendom, maar het gaat hier in de eerste plaats om gelijke behandeling.) Dat willen de islamcritici in de regel de islam niet gunnen, omdat ze van mening zijn dat de islam zich niet netjes laat inpassen in het pluralistische model, maar vast blijft houden aan haar alleenrecht op de waarheid. En dat vermengen ze bovendien met de politieke islam en haar specifieke bedoelingen. Op deze manier komen we nooit uit de verwarring.

De jeugd heeft de toekomst...

De ontmythologisering is ƩƩn ding, waarbij vooral wetenschappelijk onderwijs van belang is (wij moeten dus nooit toegeven aan ‘kwetsbare gevoelens’ van moslims rond het thema Holocaust) en de andere uitdaging die daar betrekkelijk los van staat, is de politieke islam die traditionele religieuze concepten versterkt en vervormt voor haar eigen doeleinden. Deze beiden zaken worden maar met moeite herkend en uit elkaar gehouden. Het gevolg daarvan is dat er kinderen van ‘gematigde moslims’ in de straten van Amsterdam West staan te juichen na de aanslag op de Twin Towers in New York (9-11) en de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs. De politiek-correcte elite die het onderscheid tussen islam en islamisme weigert te maken (of het gewoon niet begrijpt) blijft hardop roepen dat de islam vrede is en dat er overal wel een paar rotte appels gevonden worden. Een totale negatie van de onderliggende structuur waarmee het internationale terrorisme van de islam ideologisch is vormgegeven. Hoewel deze groep volgens Tibi maar drie tot tien procent van het totale aantal moslimgelovigen uitmaakt wereldwijd, hebben ze veel invloed omdat ze goed georganiseerd zijn in hun internationale oriĆ«ntatie. Hij waarschuwt al jaren in diverse publicaties dat de islamisten Europa op het oog hebben. Het feit dat dit niet door de politieke leiders wordt erkend, maar dat het wordt gezien als een zoveelste variant van dit ‘cultureel diverse geloof’ zorgt ervoor dat de islamcritici vervallen tot de methode van de islamisten en de islam verklaren tot ƩƩn homogeen geheel waar niets goeds in te ontdekken valt. Net zoals politiek links er niets kwaads in kan ontdekken.

Sven Snijer



(2)Hoe pijnlijk dit soort zaken zijn in de moderne tijd, blijkt wel uit het feit dat verschillende moslimgeleerden van vandaag uit alle macht proberen de leeftijd van Aisha (en haar eerste geslachtsdaad) op te schroeven tot twaalf of zelfs negentien jaar, daarbij de gezaghebbende Hadith van Bukhari die negen jaar aangeeft passerend en zich te verlaten op minder betrouwbare Hadith of zelfs eigen Hadith samen te stellen.

(3)’De valsheid van het westerse christelijke denken van deze tijd’, Sadiq Jalal Al-Azm, 1969.

De halve waarheid in het islamdebat – deel 1


'After a terrorist attack perpetrated by jihadiists two kinds of reactions are expected: some affirm the attacks have their roots in Islam whereas the others, especially the Muslim and the political correct westerners, affirm terrorism has nothing to do with Islam. Both sides are right.’     
                                                                                            Bassam Tibi  
  
Hoewel de toon van het islamdebat in het programma Buitenhof (1) door schrijver en islamkenner Wim van Rooy werd gezet met een korte en niet mis te verstane kwalificatie van de islam als religie, ‘een suprematistische ideologie, gekomen om te usurperen, te bezetten en uit te zuigen..’ kwam het debat inhoudelijk toch weinig uit de verf. Dat lag voornamelijk aan de ongelukkige opzet ervan, de vermenging van het vluchtelingenprobleem waar Europa mee te kampen heeft en de toenemende weerstand tegen de opvang van zowel oorlogsvluchtelingen als economische vluchtelingen en het vraagstuk van de moeizame integratie van de islam in Europa. Waren de twee zaken gescheiden gehouden, dan was de discussie al ingewikkeld genoeg geweest.

Politieke correctheid in het islamdebat   

Met de inzet van Wim van Rooy naar aanleiding van zijn nieuwe boek over de islam ‘Waarover men niet spreekt’, een verwijzing naar de politieke correctheid die het islamdebat jarenlang heeft omgeven, leken er in eerste instantie spijkers met koppen te worden geslagen, maar helaas gebeurde wat we meestal zien in de onoverbrugbare kloof tussen politiek rechts en links op dit onderwerp, de harde en ongenuanceerde aanval op de islam van de ene kant en de cultuurrelativistische ontkennende houding aan de andere kant, met een slechte analyse van het feitelijke probleem dat de islam heeft met de moderniteit. In principe gaat mijn sympathie in dit soort debatten altijd uit naar degene die probeert een taboe te doorbreken, in dit geval Van Rooy die de muur van de ‘gutmenschen’-politiek probeert te slechten en hun chronische negatie van de religieus-ideologische kant van het integratieprobleem, maar helaas kan ik hem niet volgen in de redenaties waarom de westerse cultuur tot haar emancipatie en zelfbewustzijn zou zijn gekomen, vooral niet als daarvoor de joods-christelijke cultuur wordt aangevoerd. Als de ene openbaringsreligie in stelling wordt gebracht tegen de andere, in de westerse cultuur die overwegend wetenschappelijk is georiĆ«nteerd en door wetenschap en rede (niet geloof) tot emancipatie kwam, dan haak ik af. Ook bij zijn voorstelling van zowel de Europese als de islamitische geschiedenis zet ik mijn vraagtekens. 

Een waterscheiding

Waar Wim van Rooy in de basis vanuit gaat en dat is zijn sterkste punt, is dat hij vanuit de praktijk spreekt en diverse kanten van het integratieprobleem van de islam in het westen benadert door problemen aan te kaarten waar allerlei maatschappelijke sectoren dagelijks mee te maken hebben. Als bekendste voorbeeld geldt misschien wel de moeite die onderwijzers al jaren hebben om op scholen te onderwijzen over de Holocaust, volgens Van Rooy omdat ‘de islam’ dat onmogelijk maakt. Hij maakt geen scheiding tussen de politieke islam met haar radicale afsplitsingen en de islamitische traditie als geschiedenis, want in meerdere interviews die ik van hem gelezen heb noemt hij deze volgens hem onterechte scheiding tussen islam en islamisme, een visie die afkomstig is van de Syrisch-Duitse filosoof Bassam Tibi.(2) 

Ik vind het opmerkelijk dat Van Rooy dit onderscheid niet maakt, omdat hij wel bekend is met de ideeĆ«n van Tibi. Hij noemt ook in navolging van hem in verschillende interviews de Islamitische Broederschap opgericht in 1928 in Egypte die aan de basis heeft gestaan van het moderne islamisme, de politieke islam die zich zowel gewelddadig als via het democratisch bestel manifesteert, van beide zijden gedragen door totalitaire ideeĆ«n met wortels in de islam. Maar hij gaat verder niet in op de onderliggende structuur in het betoog van deze islamgeleerde die ondanks harde kritiek op zijn eigen religie toch probeert de werkelijke verbanden en de ingebeelde uit elkaar te houden. Tibi heeft voor mij persoonlijk een waterscheiding gecreĆ«erd in de manier waarop ik tegen fundamentalisme aankijk en islamkritiek in het algemeen, omdat er historisch gezien geen continuĆÆteit bestaat tussen vroegere vormen van islamitisch geweld, jihad als oorlogvoering op basis van het centraal gezag van bepaalde moslimheersers en de hen dienstbare religieuze rechtsgeleerden en de hedendaagse terreurdaden van ‘stateloze acteurs’ in een politiek-religieus drama van wereldformaat. Met nadruk spreekt Tibi van de ‘uitvinding van traditie’, want in veel opzichten is de islamterreur die we dagelijks op het nieuws zien modern en westers.

‘Clash of civilazations’

De reden waarom ik het onderscheid van Tibi tussen de islamitische traditie en de politieke islam (islamisme) zo van vitaal belang acht en het beslist niet zoals Van Rooy wil afdoen als weer het zoveelste instrument dat in handen van  politiek-correcte probleemontkenners misbruikt kan worden om inhoudelijke kritiek op de islam als geheel onmogelijk te maken, is dat Tibi op geen enkel vlak beschuldigd kan worden van politieke correctheid. Zijn ideeĆ«n zijn overwegend rechts-liberaal te noemen en ondersteunen in elk opzicht westerse waarden, terwijl hij toch moslim is. Mensen als Tibi zijn de enige kans om integratie te bewerkstelligen van de islam in het westen, want het alternatief is inderdaad de ‘clash of civilizations’ waar Samuel Huntington het over heeft(3). 

Die zal voor niemand voordelig uitpakken, dus waar het kan -en uit naam van de redelijkheid waar wij als westerlingen trots op zijn- zou het de investering waard zijn om politieke leiders in het westen dit onderscheid te leren maken tussen islam en islamisme. Dat voorkomt verschillende problemen die op dit moment onoverkomelijk lijken, met name door de polarisatie tussen links en rechts in het debat. De islamcritici krijgen momenteel steeds meer momentum en met name onder de gewone bevolking is het geduld met mensen uit andere culturen die zich hier niet willen aanpassen behoorlijk uitgeput, maar afgezien van de ‘waarheid van de dagelijkse praktijk’ begrijpen zeer weinigen de achtergrond van de problemen waar de westerse wereld nu mee geconfronteerd wordt met betrekking tot de islam. Het probleem is niet van gisteren, maar kent een lange geschiedenis en het westen zelf is ook niet onschuldig. Sprookjesachtige voorstellingen van het ontwikkelde en humane westen tegenover de barbaarse islam die eeuwenlang enkel jihad heeft gevoerd tegen onze beschaving gaan er in het huidige klimaat in als zoete koek, maar persoonlijk bekritiseer ik een religie liever met mijn rationele verstand dan met populistische generalisaties. 
                  
Twee partijen in het islamdebat

Er zijn grofweg twee partijen in het islamdebat die allebei een volkomen verschillende taal spreken:

1.De politiek-correcte islamkenners die enkel de culturele islam willen bespreken met haar verscheidenheid aan landen, talen, volkeren, gewoonten en tradities, die van geen enkel verband tussen terroristisch geweld van jihadisten en de islam in het algemeen willen weten.

2.De islamcritici die net als de jihadisten/islamisten de bronnen van de islam (Koran, Sira en Hadith) heel letterlijk interpreteren en wijzen op een causaal verband tussen moslimgeweld en de religieuze bronnen waarin in verschillende passages wordt oproepen tot geweld tegen niet-moslims. 

Niet alleen spreken deze twee partijen een geheel verschillende taal, een culture taal tegenover een ideologische taal, maar ze spreken zelfs niet over hetzelfde probleem. De cultuur-relativisten zoals Leidse hoogleraar en arabist Maurits Berger die ook in de uitzending was, denken dat het voornaamste probleem voor de islam gezocht moet worden in een onterechte associatie van de islam met een groep terroristen/criminelen die de islam misbruiken voor hun eigen doeleinden, ten nadele van de grote groep gematigde moslims die niets met hen van doen willen hebben en islamcritici zoals Wim van Rooy die menen dat een gematigde islam niet bestaat en dat met het geweld van de jihadisten uiteindelijk het ware gezicht van de islam aan het licht komt. Beide visies zijn onjuist, omdat er wel degelijk een verband bestaat tussen extremistisch geweld en Koranteksten, maar het is niet juist en feitelijk een geschiedvervalsing om te suggereren dat de islam veertienhonderd jaar lang enkel jihad heeft gevoerd tegen de ongelovigen.

De groeiende irritatie bij rechts

Het probleem is dat weinigen kunnen ontleden is dat oppervlakkig gezien de visie van Berger (en de politiek-correcte elite die hij vertegenwoordigt) lijkt op die van Bassam Tibi, vanwege het onderscheid tussen de islam als overgeleverde traditie en het terrorisme uit naam van de islam door fundamentalisten en islamisten. De tegenstelling waar we tot op heden ter linkerzijde van het politieke spectrum op getrakteerd worden is de islam als ‘vredesreligie’ tegenover een klein groepje van terroristen (bij voorkeur ‘criminelen’ genoemd) die de islam misbruiken. Deze groep blijft beweren, ook al ontploffen straks de bommen in alle grote steden van Europa, dat dit soort geweld niets, maar dan ook niets met de islam te maken heeft. 

De groeiende irritatie bij rechts over deze moedwillige blindheid, die meer politiek is gemotiveerd dan theologisch-historisch verantwoord, zet islamcritici ertoe aan om met alle energie te duiken in de bronnen van het islamitisch geloof (Koran, Hadith, Sira) om op het spoor te komen van de verbanden tussen de teksten en de gewelddadige en perverse gedragingen van jihadisten, om het de politieke elite van het westen in het gezicht te kunnen wrijven dat geweld en islam wel degelijk een verband hebben met elkaar. En dan volgen de bekende voorbeelden van het afslachten van zes- tot negenhonderd joden, het vermoorden van kritische dichters, de seksslavinnen van Mohammed en zijn metgezellen, gemeenschap van de profeet met een negenjarige, overvallen op karavanen, onthoofdingen en amputaties, steniging en meer zaken die in deze bronnen te vinden zijn. De discussie over de betrouwbaarheid van verschillende van die bronnen is eindeloos en wordt gevoerd door westerse geleerden en moslims onderling, maar ƩƩn ding staat vast, een groot deel van de Hadith (en de Koran) bestaat uit teksten die de toetssteen van de huidige rechten van de mens niet meer kunnen doorstaan.

Islamapologeten

Zelf heb ik diverse artikelen geschreven vanuit de insteek van het ontmaskeren van de profeet Mohammed en zolang de wetenschappelijke benadering daarbij voorop staat is dit een legitieme bezigheid en geen ‘islamhaat’ of ‘islamofobie’ zoals islamapologeten het graag noemen. Iedereen heeft het recht om een vergelijkend warenonderzoek te doen naar de verschillende religies en hun stichters, want in het westen bestaat er geen taboe op godsdienstkritiek, zoals in de meeste islamitische landen. Toch is het bronnenonderzoek niet het hele verhaal en in het licht van mijn kennismaking met de ideeĆ«n van Tibi in veel opzichten niet eens de beste weg om te bewandelen in het tegengaan van de gevreesde ‘islamisering van Europa’, waar politieke partijen als die van Wilders een hoofdthema van hebben gemaakt. Wat ik aanvankelijk als een omissie beschouwde in het werk van Bassam Tibi bleek bij nader inzien juist zijn kracht, het niet bespreken van de weerzinwekkende passages in verschillende ahadith en in de biografie van de profeet. Het begon mij te dagen toen ik las over zijn bewering dat islamcritici meegaan in de beeldvorming van de jihadisten door zich zo extreem bezig te houden met bronnenkritiek. En niet de beeldvorming waar de linkse kerk het graag over heeft -als ontkenning van pijnlijke feiten- maar in de betekenis van eenzijdig focuspunt. De jihadisten/islamisten zijn vaak trots op de barbaarse praktijken van de vroege islam en kopiĆ«ren het gedrag van de profeet en zijn metgezellen momenteel dagelijks in SyriĆ« en Irak. De islamcritici verafschuwen dit gedrag en proberen verwoed aan te tonen tegenover westerse politici (die om diverse redenen hun betrekkingen met islamitische landen goed willen houden) dat dit verband tussen de geautoriseerde teksten en de terreurdaden causaal is. 

De halve waarheid

Maar dit is slechts de halve waarheid. Er zijn verschillende manieren om dit inzichtelijk te maken, maar voor de duidelijkheid zal ik dicht in de buurt blijven van de visie van Tibi die er ernstig bezwaar tegen maakt om te spreken van een ‘gematigde islam’ en een ‘radicale islam’ en dat het beter is om onderscheid te maken tussen de islamitische traditie en de politieke islam(islamisme). De politieke islam kent verschillende ‘uitvindingen’ die in de latere tijd aan de islam zijn toegevoegd en die er niet in thuishoren.

1.Het politiseren van de religie door het te presenteren als een eenvormige, vanuit een islamitische staat opgelegde maatschappelijke orde, waarbij liberale moslims worden geƫxcommuniceerd.

2.Het politiseren van de islamitische wetgeving (sharia), door haar civiele en particuliere karakter om te vormen tot algemeen geldend staatsrecht.

3.Het transformeren van klassieke jihad voor de expansie van het geloof naar ongereguleerde terreuracties door ‘statenloze acteurs’.

4.Het verabsoluteren van het stadsbestuur van Medina door de profeet tot een Islamitische Staat, terwijl Mohammed het woord ‘staat’ nooit heeft gebruikt.

5.Het poneren van een internationale islam, die eenvormig is en een politiek-religieuze wereldorde voorstelt die in de plaats moet komen van de huidige wereldorde die gebaseerd is op het Statenverdrag van de Vrede van West-Falen (1648).

6.Een geavanceerd antisemitisme dat de traditionele judeo-fobie van de islam overstijgt, door het overnemen van belangrijke antisemitische elementen van de nazi-ideologie.

7.De toevoeging van een samenzweringstheorie door het centraal stellen van een joods wereldcomplot in samenwerking met occulte groeperingen en westerse mogendheden (kruisvaarders) als pionnen in een duister plan om de islam te vernietigen.

8.Het uitroepen van de gehele wereld als te koloniseren gebied voor de islam, omdat moslims overal ter wereld onderdrukt worden – ‘Islam under siege’, het concept dat offensieve daden van agressie door islamisten/jihadisten representeert als ‘verdediging’(4)

Het sluipende gevaar van islamisme

Waar we in het westen mee te maken hebben, is dat deze politisering van de islam, vooral ingezet door de Islamitische Broederschap, niet goed wordt ingeschat en dat er een naĆÆef onderscheid wordt gemaakt tussen de gewelddadige islam en de vreedzame islam, wat overeenkomt met de ‘radicale islam’ en de ‘gematigde islam’. Zelfs linkse denkers kunnen begrijpen dat de term ‘gematigde islam’ al een stigmatisering inhoudt, omdat het suggereert dat een ongematigde islam, een zeer geestdriftige islam dus wĆ©l zal leiden tot terreurgeweld. 

Islamcritici lachen zich rot om deze formulering en beweren in lijn hiermee, dat de enige moslims die geen gevaar vormen voor de westerse beschaving, degenen zijn die hun eigen geloof niet langer serieus nemen. Het onderscheid dat gemaakt moet worden is dat van de islamitische traditie en de politieke islam, met name vanwege het sluipende gevaar van islamisering van de democratische rechtstaten overal ter wereld en met name in Europa waar steeds meer moslim-immigranten wonen. De terreurdaden van de politieke islam zijn volgens Tibi niet half zo gevaarlijk als de ideologische opmars van deze totalitaire variant van de islam die zich ogenschijnlijk aanpast aan het democratisch model, maar die in haar diepste wezen volstrekt afwijzend staat tegenover democratische waarden, pluralisme en seculiere wetgeving. Een opzettelijke misleiding van westerse politici die denken dat de politieke islam vanzelf zal integreren, zolang zij zich maar langs electorale weg probeert uit te breiden. En daar gaan ze de fout in, omdat alle islamistische politieke partijen die zich middels verkiezingen een concrete machtspositie hebben verworven, die macht misbruikt hebben. (Erdogan in Turkije, Hamas in Gaza, Ayatollah’s in Iran, Morsi in Egypte)

Antisemitisme

Westerse islamcritici voelen instinctief aan dat de politieke islam in Europa en in de VS, die wereldwijd het beeld bepaalt en die haar invloed via sociale media steeds verder uitbreidt, geenszins van plan is om zich werkelijk aan te passen aan westerse normen en waarden, maar de hier bestaande orde wil ondergraven en er een islamitische totalitaire ideologie voor in de plaats stellen. Zij willen geen Europese islam, maar een Islamitisch Europa. Tibi waarschuwt voor de linkse naĆÆviteit in het Westen, vooral met betrekking tot het grove antisemitisme van de islamisten dat volgens hem de centrale doctrine uitmaakt van hun leerstellingen:

Het nieuwe antisemitisme wordt vaak gecamoufleerd als een variant van hedendaags antiglobalisme. Dit verklaart de aantrekkingskracht voor Europees links, die hierdoor het feit over het hoofd mag zien dat islamisme een rechtse ideologie is. Het antisemitisme van islamisten zou waarschijnlijk veroordeeld worden door Europees links, als het zich niet vermomde als anti-Zionisme en uitlatingen van islamisten over IsraĆ«l en de joden als het ‘kwaad’ niet gecombineerd werden met anti-Amerikanisme. De anti-Amerikaanse component van islamisme is gedeeltelijk gebaseerd op het samenzweringsdenken dat joden de wereld regeren vanuit New York en Washington.' (5) 

(einde deel 1)

Sven Snijer






(4)Rebecca Gould sluit met haar observaties naadloos aan bij de visie van Tibi: ‘Door het militariseren van het concept Hijra, wat traditioneel refereert aan landen waar moslims vreedzaam heen trekken om aan vervolging te ontsnappen, hebben ze een machtig instrument gecreĆ«erd voor het radicaliseren en rekruteren van moslims wereldwijd, inclusief de VS en Europa’, Rebecca Gould, ’Islamic State’s perversion of Hijra’https://en.qantara.de/content/jihadism-islamic-states-perversion-of-hijra

(5)’Islamism and Islam’, hfdst 2 - Islamism and the political order, Bassam Tibi, Yale university press http://www.bol.com/nl/p/islamism-and-islam/1001004011842286/