maandag 18 april 2016

De onbegrepen vrijheid in de westerse samenleving



Wie met hardcore islamcritici in discussie gaat, ontdekt dat de meesten van hen niet weten op welke basis ze hun islamkritiek moeten funderen, voornamelijk omdat ze te weinig besef hebben van de fundamenten van hun eigen identiteit als burger van de westerse samenleving. Met ‘vrijheid’ en ‘vrijheid van meningsuiting’ wordt vaak gezwaaid als identiteitsvlag, maar als je vraagt naar de herkomst van die vrijheid, de geschiedenis ervan, dan volgt er vaak een hoop onsamenhangend gestamel waarna al snel de aanval wordt ingezet op de ‘onvrijheid en achterlijkheid’ van de islam om langs de via negativa te ontdekken wie men zelf is. Meestal komen islamcritici met een hutspot van oude en nieuwe waarheden waarbij ze regelmatig verspringen in redeneertrant afhankelijk van of het onderwerp de islam betreft of het westen. Het westen wordt afwisselend als wetenschappelijk-seculier neergezet, als ‘joods-christelijk’ of als ‘humanistisch, tolerant en vredelievend’. De meesten valt het niet op dat deze verschillende identiteiten al behoorlijk met elkaar in strijd zijn en nog minder zijn ze zich ervan bewust dat ze daarbij verschillende vormen van argumentatie toepassen op de islam en op de eigen cultuur, wat neerkomt op ‘met twee maten meten’.

Schotsenspringen

Om het nog ingewikkelder te maken wordt evenmin onderscheid gemaakt tussen cultuuraspecten, theologische inhouden, politiek-economische verhoudingen of een degelijke indeling in geschiedenisperioden. Het is allemaal één grote brij en meestal wordt de tactiek toegepast van het schotsen springen; als één argument niet langer houdbaar is wordt overgegaan op een andere redeneertrant, een ander onderwerp of een andere context. Wanneer er bijvoorbeeld gesproken wordt over de wetenschappelijke ontwikkelingen in de islam dan is meestal de tegenwerping dat de islam zeker in de laatste eeuwen niet veel heeft bijgedragen aan de wetenschap. Dat is historisch juist, maar daarom nog geen weerlegging van het feit dat wetenschap eeuwenlang mogelijk was in de islam en dat deze religie daarom dus niet principieel ‘onwetenschappelijk’ is. De essentiële theologische conclusie bij de moderne historische feiten klopt niet, want als de islam in het geheel niet met rationaliteit te verenigen was dan kon dat in het verleden ook niet zijn gebeurd.

Modernisme als westerse hegemonie

Daarnaast is een veel gehoorde redenering dat de wetenschap in Europa voort zou komen uit de christelijke cultuur, omdat deze een rationele basis had. Dit is een problematische stelling omdat een openbaringsgeloof zoals jodendom, christendom en islam nooit een rationele basis kan hebben. Het wezen van openbaring is nu juist dat het ‘geen menselijke kennis’ betreft, maar een waarheid rechtstreeks van God of de Goddelijke wereld afkomstig. Het rationele element van het christendom was niet wezenlijk ‘christelijk’ maar een geïmporteerde invloed, zoals ze dat ook in de islam was. Een kenmerk van de islam is dat ze deze geïmporteerde invloeden -die behalve filosofie ook wetenschap, geneeskunde, spiritualiteit en vele andere zaken omvatten- pas in een vergevorderd stadium van haar ontwikkeling met argwaan begon te beschouwen. Om precies te zijn vanaf de koloniale tijd, toen de westerse cultuur door de moslims werd geïdentificeerd met militaire hegemonie en ze de culturele invasie van het westen in islamitische landen gelijk begonnen te stellen aan de moderniteit als zodanig. Het is geen toeval dat de politieke islam met nadruk niet de westerse technologie verwerpt (zoals de christelijke Amish niet autorijden, maar zich met paard en wagen verplaatsen), maar wel de westerse waarden en levensstijl. Islamisten zijn niet tegen wetenschappelijke ontwikkelingen, maar tegen het atheïsme en secularisme van westerse samenlevingen die ze gelijkstellen aan egoïsme en hedonisme en die een bedreiging vormen voor de puriteinse islam die ze nastreven. De politieke islam is in die zin ook niet ‘achterlijk’ maar eerder opzettelijk onvrij, in de betekenis van anti-westers, niet-seculier en ‘geen mensenwerk’. 

Eenheid in verscheidenheid

Deze sterke antiwesterse sentimenten die een politiek antimodernisme en anti-hegemonisme voorstellen, vertalen zich als culturele verwerping van alles wat niet ‘authentiek islamitisch’ is, alsof er ooit een tijd is geweest waarin de islam geen culturele uitwisseling kende met andere beschavingen. In werkelijkheid deed de islam niets anders, want als wereldreligie die zich uitstrekte van Marokko in Noord-Afrika tot Indonesië in het verre Azië, was culturele uitwisseling niet alleen onvermijdelijk en noodzakelijk om de eenheid van de islam te bewaren in zoveel verschillende culturen, maar in veel gevallen bracht het de islam ook grote bloei en vooruitgang op elk gebied. De pure authentieke islam van de islamisten heeft nooit bestaan en de resolute afwijzing van andere culturen (identiteitspolitiek) is een moderne uitvinding. Er heeft een vroege islam bestaan, die vóór de Arabische expansie van start ging een soort stadstaat vormde in Medina, maar dat was geen goed georganiseerde of hoog ontwikkelde stadscultuur, zoals de islam later zou tegenkomen in veroverde gebieden als Syrië, Perzië, Egypte of India. Het ging om een half nomadische stads-cultuur, waarin tribale verbanden een grote rol speelden en de samenleving die daar door Mohammed bestuurd werd had ook het karakter van bondgenootschappen tussen stammen.

De monolithische islam bestaat niet

Als gewone moslims spreken van ‘de islam’ dan bedoelen ze niet slechts die korte periode van het stadsbestuur door Mohammed, waar enkele veldslagen en plundertochten op karavanen een onderdeel van waren, maar de gehele geschiedenis van de islam met alle culturele aspecten van beschavingen die zich,  vrijwillig of door verovering, door de eeuwen heen met deze religie hebben verbonden. De monolithische islam van de islamisten bestaat niet en heeft nooit bestaan, wat wel blijkt uit de zuivering die ze de laatste honderd jaar uitvoeren in eigen gelederen vanuit het wahabistische Saoedi Arabië. Alle soefi-invloeden uit het verleden (de mystieke islam) proberen ze uit te wissen, te verbieden of opnieuw uit te leggen in een orthodox betekeniskader, met weglating van te tolerante of universele opvattingen van de betreffende soefi-heilige. En niet zelden gaat het daarbij om specifiek sjiitische  leerstellingen en gebruiken, want het is vooral de Perzische mystiek geweest die de islam doordrenkt heeft van ‘Liefde boven de Wet’ al probeerden de meeste van haar aanhangers de leer in te passen in de traditionele islam. Er is een complete geschiedvervalsing aan de gang die moslims wil doen geloven dat de islam altijd op eigen benen heeft gestaan en dankzij haar eigen geloofswaarheden veertienhonderd jaar heeft kunnen groeien en verdiepen. Deze totalitaire poging om de islam te ‘zuiveren’ is niets anders dan een verkrampte reactie op de moderniteit die door het westen is opgelegd aan islamitische landen als universele wereldorde van soevereine staten met een seculier karakter.

Islamisme is geen ‘revival’

Veel mensen in het westen die de beeldvorming van de islamisten volgen -zowel moslims als islamcritici- menen nu dat de islam altijd al afwijzend heeft gestaan tegen wetenschappelijke kennis of culturele uitwisseling en begrijpen niet dat het een recent verschijnsel is. Evenmin begrijpen de aanhangers van de multiculturele samenleving dat het islamisme geen ‘islamitische revival’ is, maar een modern verschijnsel dat terug gaat op een gefingeerd verleden. De traditionele islam kende geen eenheid van religie en staat (din wa dawla), want wat ideologisch één geheel was bleek in de praktijk vaak gescheiden. Ook in de islamitische wereld waren wereldlijk gezag en islamitisch recht verschillende terreinen, want shari’a-wetgeving kreeg vaak ‘achteraf’ gestalte naar de politieke beslissingen van de islamitische heerser. Verschillende islamkenners en specialisten in islamitisch recht hebben aangetoond dat een islamitische wetgeving (shari’a) die in de grondwet verankerd is nooit heeft bestaan in de wereld van de islam. Op basis van jurisprudentie en traditie namen onafhankelijke rechters individuele beslissingen in verschillende zaken. Wel is het islamitisch recht in de loop van eeuwen steeds meer een versteend karakter gaan vertonen, terwijl het daarvoor soepeler van interpretatie was, maar de islamitische wet als een totalitaire orde van bovenaf opgelegd is een moderne uitvinding van de islamisten.

‘Protocols of the Elders of Zion’

Het belangrijkste om daarbij te beseffen is dat dit geen religieus project is, maar een politieke doelstelling die wordt gelegitimeerd met religieuze middelen, waarvan de ‘authenticiteit’ in veel opzichten ver te zoeken is. Het duidelijkst komt dat naar voren in de antisemitische kern van het islamisme, dat anders dan islamcritici vaak denken niet in de eerste plaats met Koran of hadith-teksten te maken heeft, maar met de ‘Protocols of the Elders of Zion’, een vervalst westers antisemitisch document dat voortborduurt op een lange Europese traditie van antisemitisme. Dit document gaf Hitler inspiratie, de Jodenhaat van autofabrikant Henry Ford werd erdoor gevoed, die van de Fransen, Russen, Engelsen, Italianen en uiteindelijk ook de Pan-Arabische nationalisten en in onze eigen tijd de islamisten, voornamelijk door het werk van Seyyed Qutb en Hassan al Banna. Niets wat in de ‘Protocols’ staat is terug te vinden in de Koran of Hadith, want over een ‘wereldwijde samenzwering van joden door de beheersing van banken en media’ kan Mohammed nooit gesproken hebben. Bovendien was het perspectief van Mohammed niet verder reikend dan het Arabië van toen, met de eventuele mogelijkheid om op een dag het rijk van de Byzantijnen of Sassanieden aan te vallen. Mohammed had geen idee hoe de rest van de wereld eruit zag, hoeveel joden er woonden of hoe die zich gedroegen. Het geschil dat Mohammed had met de joden was persoonlijk en had te maken met het feit dat de meesten van hen geen boodschap hadden aan zijn openbaringen en in hem niet de zoveelste profeet zagen in de lijn van Oudtestamentische profeten (buiten het feit dat ze niet in Jezus geloofden, die door Mohammed ook werd opgenomen in de rij van voorafgaande profeten). Natuurlijk voelde Mohammed zich afgewezen en hebben een aantal van zijn openbaringen en Hadithteksten een anti-joods/christelijk inhoud gekregen, in de betekenis van het niet aanvaarden van de boodschap van de Koran en het blijven vasthouden aan eerdere openbaringen (Tenach, Bijbel) in een traditie waarvan Mohammed zijn eigen openbaringen zag als een voortzetting en opheldering.

Modern antisemitisme in de islam

Het is bekend dat Mohammed de joden en christenen zag als ‘mensen van het Boek’ wat een licht discriminerende betekenis had van ‘minder dan een moslim’, maar nog altijd beter dan afgodendienaren en atheïsten, want tenminste waren ze monotheïstisch gelovig. Hij hield de deur voor ze open om zich alsnog te bekeren tot de islam ook al was hij ongetwijfeld verbitterd over het feit dat een meerderheid van joden in Arabië zijn nieuwe leer niet wilde aanvaarden, omdat hij aan het begin van zijn profetische loopbaan vooral bij de joden hoopte steun en aanhang te verwerven. Het moderne antisemitisme van de moslims onder invloed van de politieke islam (ook in Europa) heeft daarom weinig van doen met Mohammed en zijn wrijving met de joodse stammen. Weliswaar lijken een aantal bronteksten mooi aan te sluiten op het antisemitisme van de Europeanen, maar alle wereldomspannende samenzweringsideeën die vooral het moderne Europese antisemitisme kenmerken, komen daar niet in voor. Het is echter wel het streven van de islamisten om hun antisemitisme aan de man te brengen als ‘puur islamitisch’ en niet ontleend aan westerse bronnen. Daarom doen ze het voorkomen alsof de Protocols enkel bevestigen wat in de islam al bekend is vanaf de tijd van Mohammed. De antisemitische passages in hun eigen bronteksten worden ten onrechte gelijkgesteld aan -en als voorloper voorgesteld van- het antisemitisme als genocidale ideologie die in Europa opkwam aan het begin van de twintigste eeuw.

Vervalste authenticiteit van islamisten

De Pan-Arabische nationalisten, de voorlopers van de islamisten bij de moderne islamitische identiteitsvorming, hadden er geen moeite mee om toe te geven dat ze hun Jodenhaat rechtstreeks van Europeanen hadden overgenomen. Bij de islamisten echter, die islamitische ‘authenticiteit’ als één van hun politieke speerpunten hebben, kan en mag het geen ‘geïmporteerde invloed’ zijn, maar moet het antisemitisme een zuiver islamitisch product zijn. Daarom sluiten ze aan bij het conflict dat Mohammed persoonlijk had met enkele joodse stammen en trekken deze historische gegevens naar een mondiaal niveau in een tijdloze werkelijkheid waar de ‘Jood’ als het grote kwaad de eeuwige vijand is van de islam, het ware geloof. Ze gebruiken exact dezelfde teksten als in de ‘Protocols’, alleen het woord ‘beschaving’ of ‘mensheid’ wordt vervangen door het woord ‘islam’. In de Protocols is de ‘Jood’ de vijand van de ‘beschaving’ en bij Seyyed Qutb en eigentijdse islamisten is de ‘Jood’ de vijand van de islam. Het is een kinderlijke vorm van plagiaat, simpel knip en plakwerk, maar het blijkt buitengewoon effectief op het internationale politieke toneel. Mensen van politiek linkse en rechtse overtuiging trappen erin; links denkt dat het islamisme enkel te maken heeft met de Palestina-kwestie en het antiglobalisme (omdat intellectuele islamisten in het westen hun antisemitische uitlatingen vaak matigen en doelbewust enkel spreken van ‘antizionisme’) en rechtse islamcritici denken werkelijk dat Mohammed met zijn persoonlijke leven als voorbeeld de oorzaak is van het genocidale antisemitisme in de Arabische landen, waar ze een eeuw lang de ‘Protocols’ (en later ‘Mein Kampf’) hebben ingedronken, destijds op advies van hun Europese vrienden.  

Godsdienstoorlogen in recent Europees verleden

Wanneer de politieke islam wordt aangezien voor de ‘ware islam’ dan is het niet verwonderlijk dat menigeen denkt dat de islam niet kan hervormen en nooit te verenigen zal zijn met een democratische rechtstaat. Als we ons echter realiseren dat het hedendaagse antisemitisme in het Midden Oosten voor een belangrijk deel te danken is aan westerse propaganda uit een tijd dat antisemitisme nog gewoon ‘in de mode’ was, dan hoeven we voor de islam niet banger te zijn dan voor ons eigen Europese nazi-verleden, de pogroms, de Reconquista en andere bloedbaden gericht tegen joden of überhaupt andersdenkenden en minderheden. Het is merkwaardig om te zien hoe door velen met terugwerkende kracht de Europese beschaving wordt bewierookt alsof de wortels van het hedendaagse humanisme en verlichte opvattingen ver terug gaan in de tijd, terwijl dogmatisme, religieuze terreur en onderdrukking nog maar kort achter ons liggen. Tot de Vrede van Westfalen in 1648 was godsdienstoorlog in Europa de normaalste zaak van de wereld.

Jean Bodin

Het was in 1588 dat Jean Bodin een boek publiceerde over de gelijkwaardigheid van verschillende religies, waarin een Katholiek, een jood, een moslim, een Lutheraan, een Calvinist, een scepticus en een natuurfilosoof met elkaar in gesprek gingen op voet van gelijkheid, maar het boek werd weinig gelezen zodat de echte verdraagzaamheid tussen de volken langer op zich zou laten wachten. Pas vanaf het moment dat niet-religieuze mensen als Fontenelle over religie begonnen na te denken als een ‘primitieve vorm van wetenschap’ kon er over geloofsverschillen objectief en rationeel worden nagedacht. Ook de katholieke denker Giambattista Vico dacht over religie na vanuit ‘de mens en zijn gedrag’, maar net als Fontenelle gingen zijn beschouwingen over alle religies behalve het christendom, want dat was ‘niet geschikt voor wetenschappelijke analyse’. Godsdienstvrijheid en atheïsme waren in deze vooruitstrevende tijden dus nog gevaarlijke onderwerpen. De echte zelfbeschikking van de moderne mens kwam veel later toen Spinoza postuum zijn ‘Ethica’ publiceerde, wat een monument was voor het vrijdenken. De filosoof Thomas Paine (1737 - 1809) die sterk door Spinoza was beïnvloed, gaf later in niet mis te verstane bewoordingen weer hoe hij over openbaringsgeloof dacht en haar zogenaamde ‘heil’ voor de mensheid:  

‘Waaruit ontstonden al de afschuwelijke moorden op hele naties van mannen, vrouwen en kinderen, waar de bijbel mee gevuld is; en de bloedige vervolgingen, en martelingen tot de dood en religieuze oorlogen, die sinds die tijd Europa in bloed en as hebben gelegd; waaruit ontstonden ze, anders dan uit dit goddeloze ding genaamd ‘openbaringsgeloof’ en dit monstrueuze geloof dat God heeft gesproken tegen de mens? De leugens van de Bijbel zijn de oorzaak van de één en de leugens van het Testament oorzaak van de ander.’

Het juk van het geloof

Europa was in een vroeg stadium van haar geschiedenis tolerant op het gebied van religieuze opvattingen, maar dat was vóór het ontstaan van het christendom. In het oude Griekenland konden verschillende filosofische scholen naast elkaar bestaan en was het mogelijk het reële bestaan van de goden (of hun invloed op menselijke zaken) te betwijfelen, al kon men daar ook niet te ver mee gaan. In ieder geval kende men geen dogmatiek van opgelegde geloofsvoorstellingen die vergezeld gingen van dreigingen met hel en duivel, zoals in het christelijke Europa gebruikelijk was. De platonische en stoïcijnse filosofen hadden een redelijke levensovertuiging die in de eerste plaats bewezen moest worden door de persoonlijke levenswijze en in mindere mate door de epistemologische aspecten. Aristoteles sprak over zijn leermeester Plato als een mens die ‘wijs en gelukkig’ was, waar duidelijk uit blijkt dat levensbeschouwing in die tijd geen vlucht in een heerlijk hiernamaals inhield. Het christendom heeft gretig gebruik gemaakt van de Grieks-Romeinse denkers, zoals later ook de Arabische filosofen deden, maar de Rede behoorde aan de filosofie en niet aan het geloof. Het juk van het geloof, haar dominerende invloed op het maatschappelijk leven, heeft tot in de twintigste eeuw doorgewerkt en het is pas sinds de jaren zestig dat de moderne mens echt ‘modern’ en ‘vrij’ begon te worden op de manier zoals hij zijn vrijheid nu verstaat. Een wezen met zelfbeschikking, seksuele vrijheid en onvervreemdbare aangeboren rechten. Religie is pas in de moderne tijd een keuze geworden, want nog niet zo lang geleden werden Nederlanders gewoon in een ‘zuil’ geboren, katholiek of protestant en je haalde je brood alleen bij de bakker van je eigen geloofsrichting. 

Religie als politiek wapen

En daarmee kom ik weer terug op het verschil tussen de politieke islam en de traditionele islam, omdat in het islamdebat door velen hardnekkig twee zaken door elkaar worden gehaald; de culturele achterstand van moslimlanden die nog door een moderniseringsproces heen moeten en het expliciete verzet tegen moderniteit en westerse invloeden door islamisten die hun vermeende traditionalisme en authenticiteit als politiek wapen gebruiken, waarbij ze rekenen op steun van moslims in gemarginaliseerde posities in de Europese ‘diaspora’ (de buitenwijken van grote steden) die zich niet helemaal geaccepteerd voelen en op zoek zijn naar een eigen identiteit die ze bijzonder zal maken en deel van een hechte groep. Het is zeer contraproductief om die twee zaken te verwarren; de culturele achterstand van een religie die behoefte heeft aan rationele geloofskritiek in het veilige kader van een democratische rechtstaat en de doelbewuste politieke beïnvloeding van de islamisten die elke vorm van vooruitgang proberen tegen te houden, daarbij liberale en hervormingsgezinde moslims uitmakend voor ‘ongelovigen’ of ‘huichelaars’ en vergiftigd door ‘joodse leugens’ (secularisme). Zowel vanuit het standpunt van de multiculturele samenleving als dat van de rechtstaat is het onbegrijpelijk dat islamisten niet duidelijker worden tegengesproken, want ze zijn in feite makkelijk te ontmaskeren. Islamisten zijn fundamenteel tegen het bestaan van soevereine staten, die ze als een bedreiging beschouwen van de ingebeelde eenheid van het islamitisch geloof dat vorm moet krijgen in een religieuze wereldorde. Dat is de werkelijke reden dat ze zich aan de lopende band bedreigd, beledigd en onderdrukt voelen, terwijl ze in de meeste gevallen zelf de intolerante agressor zijn. Het is bespottelijk dat wij ons als westerse samenleving houden aan islamitische criteria voor wat wel of niet bespot of bekritiseerd mag worden, want daarmee legt het geloof al een dictaat op aan de rede, alsof religie meer privileges zou hebben dan andere soorten overtuigingen.

Religieuze wereldorde versus seculiere wereldorde

Het Salafisme verbieden is geen oplossing, want daarmee schenden we de godsdienstvrijheid (vrijheid van meningsuiting), maar democratie ondermijnende activiteiten kunnen wel hard aangepakt worden en historische leugens (Holocaust ontkennen) kunnen in het onderwijs aangepakt worden met wetenschappelijke feiten. Laat zoveel mogelijk leerlingen in het middelbaar onderwijs kennis nemen van de ontwikkeling van de wetenschappelijke kennis tegen de stroom van de vroegere geloofswaarheden in en de langzame weg naar vrijheid en emancipatie die we in de westerse wereld hebben afgelegd. Dan hoeven discussies over de islam en radicalisering niet steeds als ‘moeilijk’ en ‘gevoelig’ te worden bestempeld of een ‘zoeken naar een gemeenschappelijke grond’, want die gemeenschappelijke grond was er al voordat moslim-immigranten hier kwamen. De strijd van de politieke islam is een strijd van een religieuze wereldorde tegen een seculiere wereldorde en dat is geen onderwerp voor discussie, maar een risicoanalyse. Het wordt een stap vooruit of achteruit in onze ontwikkeling als westerse beschaving. Proberen intolerantie naar de westerse samenleving en westerse waarden van hier geboren moslims met begrip en welwillendheid tegemoet te treden, alsof het om religieuze waarden zou gaan waar je respect voor moet hebben, is een grote misvatting. Vrijheid van geloof is één ding, respect hebben voor de inhoud van een geloof is wat anders. Geloof dat de toetssteen van de rationaliteit en menselijkheid niet kan doorstaan heeft in onze pluralistische samenleving geen bestaansrecht en daarom moet vooral de politieke islam worden bestreden, terwijl de traditionele islam dringend aan hervorming toe is.

Sven Snijer

dinsdag 29 maart 2016

Het Jeugdjournaal - tussen misleiding en vaagheid


Op zich is het een leuk filmpje van Annabel Nanninga en Willem Jan Hilderink(1), hun persiflage op het jeugdjournaal waarin ze de spot drijven met de politiek-correcte indoctrinatie van kindertjes bij de staatsomroep NPO.  

Zoals zo vaak in linkse kringen en door links beheerste media, wordt al snel de link gelegd tussen islamitisch terrorisme of straatterreur en de sociaal-economische situatie waarin mensen leven, iets wat al een jaar geleden door PvdA-burgemeester Aboutaleb flink is bestreden door zijn eigen partijgenoten er op te wijzen dat er wel degelijk ook een ideologische component mee verbonden is en een mentaliteitsprobleem onder migranten. 


Linkse struisvogelpolitiek en een 'cordon sanitaire'

Geheel terecht onderwijzen Nanninga en Hilderink de ‘kindertjes’ over mogelijke andere oorzaken voor het terrorisme, omdat niet iedereen die werkloos is meteen de neiging heeft om zichzelf op te blazen ergens op een marktplein of in de metro. Tot zover complimenten voor het bijstellen van het foutieve beeld waarbij de daders altijd zogenaamd slachtoffer zijn, alsof ze geen andere keuze zouden hebben dan de ‘wanhoopsdaad’. Maar dan komen we op een volgende punt, als Annabel met zelfspot spreekt van het TPO jugend-journaal, daarmee zinspelend op de karaktermoord die vaak gepleegd is op critici van de multiculturele samenleving en de islam, door ze meteen als fascisten weg te zetten. Want of het nu ondanks het linkse ‘cordon sanitaire’ is ontstaan of dat het juist door de linkse struisvogelpolitiek in het integratiedebat is opgeroepen, tegenwoordig is de vrijheid van meningsuiting en de ‘ruk naar rechts’ zover doorgeschoten, dat deze steeds vaker met een Hitlergroet in het openbaar wordt gebracht, zonder dat men zich ergens voor schaamt.

Ik heb per definitie nooit kunnen begrijpen waarom mensen met extreem-rechtse denkbeelden en nazisympathieën met een rood-wit-blauwe vlag lopen te zwaaien en waarom ze zichzelf als vaderlandslievend beschouwen, als je bedenkt dat de nazi’s ons land vijf jaar in een ijzeren greep hebben gehouden, joden hebben afgevoerd en vergast, verzetsstrijders hebben geëxecuteerd, het hart van Rotterdam hebben weggebombardeerd, mensen een hele winter lang honger hebben laten lijden, en zo meer. In het verleden was ik zelf erg rechts of nationalistisch/ chauvinistisch, maar nooit heb ik op wat voor manier dan ook een aantrekkingskracht gevoeld richting fascisme, en toch zien we steeds vaker  dat mensen die zich ‘zorgen maken’ over de islamisering van Europa of de vluchtelingenstroom een escorte krijgen vanuit extreemrechtse kring. 


Jaren terug, toen de PVV van Geert Wilders nog een heel klein partijtje was, ben ik eens naar een bijeenkomst geweest in Amstelveen, waar toen al strenge bewaking bij aanwezig was i.v.m. mogelijke aanslagen op zijn leven. De man die op die avond de meeste indruk maakte was degene die al een tijd terug uit de partij gestapt is wegens een te laag democratisch gehalte in de partijstructuur; Hero Brinkman. Toen hij aan het woord was zag je het vuur in zijn ogen, omdat hij als ex-politieman sprak over de uitwassen van de multiculturele samenleving zoals hij dat elke dag op straat tegenkwam. Hij kwam indringend en soms zelfs bedreigend over en was op dat moment de onbetwiste nummer 2 van de partij. Later ging Brinkman zich aan steeds meer dingen ergeren binnen de PVV, met name het cultuurtje waarbij iedereen als een hondje achter Wilders aanliep, omdat ‘hij zegt wat zij denken’ en Wilders eigenlijk ook bepaalde wat zijn partijgenoten mochten denken (of zeggen voor de camera). Brinkman was degene die meer democratie wilde in de partij, een jongerenafdeling en meer toenadering tot andere partijen in de kamer, maar dat mocht allemaal niet van grote leider Geert.

Uitspraak van Wilders

Op de bijeenkomst in Amstelveen waren er ook mensen met zorgen over mogelijke banden van de PVV met extreemrechts, maar Geert verzekerde het publiek dat hij nooit zou gaan samenwerken met het Vlaams Belang (yeah right) of met Le Pen (oeps) en dat hij alleen iets had tegen de islam en niet tegen moslims (afgezien van het feit dat hij de islam wil verbieden). Ik heb lange tijd niets willen zeggen over het Wilders-proces, omdat al teveel mensen er een mening over hebben geuit en toch niemand naar elkaar luistert, maar hier dan even een kleine schending van het aan mijzelf opgelegde mediaverbod over de kwestie. Ik heb niets tegen vrijheid van meningsuiting of tegen islamkritiek (ook niet tegen de ‘toon’ waarop het debat gevoerd wordt, want de fatsoensgrens zijn we al lang al voorbij aan beiden kanten), maar juridisch gezien heb ik bezwaar tegen de formulering van wat Wilders die bewuste avond heeft gezegd of waartoe hij zijn aanhang heeft opgeroepen. Als hij had gezegd ‘Willen jullie minder criminaliteit, waarbij Marokkanen in de criminaliteitsstatistieken opvallend de boventoon voeren?’, dan was het een legale vraag geweest (misschien wat omslachtig geformuleerd in deze), maar door te vragen om ‘minder Marokkanen’ en te beloven dat hij dat zou regelen werd gesuggereerd dat alle Marokkanen criminelen of (potentiële) terroristen zijn en dat is wel strafbaar, omdat het discriminatie op ras/etniciteit betreft.

'Kut-Marokkanen'

Wat dat aangaat was de uitspraak van Diederik Samson (2), die verklaarde dat Marokkanen een ‘etnisch monopolie’ hebben op criminaliteit uit hetzelfde hout gesneden en zou dat dus eveneens strafbaar moeten zijn, maar die zaak is geseponeerd, volgens de rechtbank omdat hij enkel ‘het gedrag’ zou bedoelen. In dat licht gezien zou ook Wilders moeten worden vrijgesproken, maar liever had ik ze beiden met een flinke geldboete de rechtbank zien verlaten, omdat ze het debat misvormen met hun etnische uitspraken. Dan heb ik nog liever de uitspraak van Rob Oudkerk indertijd die het had over ‘kut-Marokkanen’, omdat hij toen een specifieke groep straattuig bedoelde en beslist niet de hele Marokkaanse gemeenschap. Wanneer Wilders of andere rechtse spreekbuizen zich uitspreken over Marokkanen of moslims, dan krijg je daar toch een heel ander gevoel bij, alsof het de aanzet is naar meer. ‘Als we hier mee wegkomen, dan doen we er later gewoon nog een schepje bovenop’, vandaar dat tegenwoordig naast de PVV en Pegida ook de Nederlandse Volks Unie zich komt melden bij demonstraties tegen vluchtelingen. En dat gaat zelfs een aantal PVV’ers en Pegida-aanhangers te ver, maar lang niet allemaal en feitelijk blijft die grens opschuiven…

Jugend-journaal


Dan weer even over het jugend-journaal dat een gewone, legale, rechtse satire is, waar ik net als veel anderen erg om moet lachen, omdat je je afvraagt wie er nu eigenlijk dommer zijn, de kindertjes thuis of de makers van het NPO-jeugdjournaal die menen dat een gekleurde berichtgeving mensen een leven lang voor de gek kan houden (omdat ook het onderwijssysteem eraan meewerkt tot op universitair niveau toe, zoals eveneens in het filmpje wordt genoemd). Een klein minpuntje echter is dit: Wanneer je de terreurpedagoog vraagt of het terrorisme ‘iets’ te maken kan hebben met de islam, dan worden de kinderen in Nederland daar ook niet veel wijzer van. Het is hetzelfde als vragen of ganggeweld, drugs en drive-by-shootings ‘iets’ te maken heeft met zwarte mensen. Ja, het heeft er ‘iets’ mee te maken, maar leg dan wel even uit wat het verband precies is, anders snappen we het nog niet. Dan gaan de kindertjes denken dat alle zwarte mensen die ze op straat tegenkomen elk  moment kunnen gaan schieten en dat lijkt een beetje op de angst voor spoken (spookbeelden) uit het filmpje.

Stoute boekjes

Misschien moeten Nannniga en Hilderink in de volgende uitzending vertellen over de politieke islam en de Islamitische Broederschap (en ene meneer Qutb, die stoute boekjes heeft geschreven over joden en kruisvaarders), om een wat directer verband aan te geven tussen de terreur van de jihadisten en de traditionele islam, die zich in landen als Tunesië, Indonesië en India wel kan voegen naar de democratische rechtsorde. Dan hoeven de kindertjes niet naar iedere moslim op straat te kijken alsof hij ieder moment ‘Allah Akbar’ zal roepen om zichzelf en een deel van de omgeving naar de andere wereld te helpen, want daar worden kindertjes ook erg onrustig van, zowel die van VVD als van D’66-ouders. Maar bij de door mij voorgestelde benadering is echter één probleem…Ik ben bang dat de kindertjes zo’n ingewikkeld verhaal niet helemaal zullen snappen, omdat veel grote mensen er al zo’n moeite mee hebben. Het is, hoe zal ik het zeggen… niet zwart/wit genoeg. Misschien moeten we laag inzetten en eerst alle papa’s en mama’s in Nederland (en de politici) duidelijk maken dat het wel ‘iets’ met de islam te maken heeft, en dan geven we vééél later de historische, politieke en economische context.

Sven Snijer


zondag 27 maart 2016

Van ‘islambasher’ tot ‘ultra-links’


Ik heb de laatste dagen veel mensen boos gemaakt die menen dat ik ‘helemaal niets van de islam begrijp’ en dan bedoel ik erg rechtse mensen die tot hun ontsteltenis hebben zien gebeuren dat ik van een islamcriticus van de ‘harde lijn’ (de bronteksten!) ben geëvolueerd naar een wat meer genuanceerde islamcriticus, omdat ‘nuance’ voor deze groep al per definitie een woord is dat alleen door ‘landverraders’ gebruikt wordt. 

Sommigen van hen menen nu dat ik ‘links’ ben geworden, terwijl ik zelf altijd heb gedacht dat een zaak van meerdere kanten bekijken geen politieke kleur heeft, maar de gewoonte is van mensen die graag zelf nadenken om er wijzer van te worden en als bijkomend effect ook vrijer, want minder gebonden aan één soort gelijk dat ten koste van alles verdedigd moet worden.

‘Kras op de plaat’

Al enige tijd ben ik me er van bewust dat wanneer je een aantal malen dezelfde boodschap hebt verkondigd en er niet naar je geluisterd wordt, het probleem hoogstwaarschijnlijk ligt in de manier van communiceren en niet direct bij de logica zelf. Zo vragen islamcritici die tot in den treuren over de bronteksten doorgaan, zich nooit af waarom de rest van de wereld (met name politici) niet verschrikt en ontzet raakt bij het lezen van de haatzaaiende teksten in Koran en Hadith, en waarom hun ogen niet worden geopend door de talloze aanslagen door moslimterroristen in het Midden Oosten en in Europa. Het antwoord is vrij eenvoudig; niet omdat ze ‘links’ zijn of niet kunnen lezen, maar omdat ze anders dan de ‘tekstzuigers’ niet meegaan in de eenzijdige opvatting dat een religie geheel en al door de teksten bepaald wordt. Een goed voorbeeld hiervan is een artikel van Mohamed Ajouaou in de Volkskrant (linkse krant!) van 15 februari 2005, getiteld ‘Middeleeuwse leer leidt de moslim niet’, (1) dat is opgenomen in het boekje ‘De moslim die ik ben’- (Notities over een rekkelijk geloof). Eén passage in het artikel onderstreept duidelijk waar ik al enkele maanden over schrijf, dat de meerderheid van moslims niet zwelgt in de fundamentalistische overtuigingen van de islamisten, die een overmatig deel van de publiciteit naar zich toe trekken met terreuraanslagen en een antiwesterse prediking.

Financieringstromen van moskeeën

Ajouaou beschrijft de situatie in Marokko vlak na de aanslagen in Casablanca van 2003 door radicale moslims, die zich vanaf het begin van de jaren negentig in dat land steeds nadrukkelijker begonnen te manifesteren. De machtsgreep door de islamisten slaagde niet, omdat het merendeel van de Marokkaanse bevolking deze niet ondersteunde.

‘Maatschappelijke krachten drongen met succes bij de overheid aan op herstructurering van het totale religieuze landschap. Er kwam een verbod op het misbruiken van de islam voor politieke doeleinden. De zeer karige salarissen van de geestelijken werden verhoogd. De dubieuzen onder hen werden uit hun ambt gezet. Er kwam toezicht op financieringstromen van moskeeën. Religieuze opleidingsinstituten werden grondig doorgelicht. En terwijl het religieuze establishment tandenknarsend toekeek, werd met steun van de samenleving haast gemaakt met het schrappen van vrouwonvriendelijke bepalingen uit het familierecht. Kortom, het gezwel was grotendeels weggesneden.’

Dit soort maatregelen konden dus worden genomen in een islamitisch land, waarvan de meerderheid van de bevolking afschuw voelt bij het vooruitzicht ‘af te glijden naar een zogeheten islamitische staatsinrichting’. Het artikel van Ajouaou is een weerlegging van een artikel van Ewald Vervaet, (2) die de islam beschrijft als een ‘zuiver politieke ideologie’. Niet zo lang geleden zou ik nog makkelijk zijn meegegaan in de stelling van Vervaet, maar na kennismaking met het werk van een aantal kenners van de politieke islam, zoals Bernard Lewis en Bassam Tibi, sluit ik me aan bij Ajouaou. De concrete feiten weerspreken de theorie, want alle voorbeelden van jihadistisch geweld zijn geen bevestiging van de bronteksten als ‘ware identiteit’ van de islam, maar een bevestiging van de letterlijkheid waarmee jihadisten de teksten uitleggen. Dat de teksten in de islamitische geschiedenis hebben gefunctioneerd als legitimatie voor geweld wil niet zeggen dat moslims in onze tijd staan te springen om op jihad te gaan, uitgezonderd de ‘doe-het-zelf-moslims’ die via het internet een spoedcursus ‘haat tegen het westen’ hebben gevolgd. Ajouaou geeft een soortgelijke argumentatie als Tibi die waarschuwt voor het zich blindstaren op bronteksten door islamcritici, omdat daardoor de identiteitspolitiek van de islamisten juist wordt bekrachtigd.

Wat is ‘identiteitspolitiek’?

Ik begrijp dat een verdere uitleg van dit concept noodzakelijk is om te helpen doorzien wat de bedoeling van is van de islamisten. Met het woord ‘identiteits-politiek’ geeft Bassam Tibi de strategie weer van de politieke islam, om de moeizame omgang van de islam met de moderniteit om te vormen tot een ideologische strijd tussen het christendom en de islam. De wortel hiervan, is de weigering onderscheid te maken tussen de moderniteit als zodanig (wetenschap, mensenrechten, pluralisme) en de ‘hegemonie’ van het westen, de militaire en economische macht van de voormalige koloniale overheersers. Ze willen het zo voorstellen dat de islam bedreigd wordt door westerse seculiere waarden (‘intellectuele invasie’) met de bedoeling de islam, die op religieuze waarden gestoeld is, te vernietigen. Ze kunnen het zich niet voorstellen dat er binnen een geseculariseerde samenleving meerdere religies naast elkaar kunnen bestaan en zien het streven naar een islamitische wereldorde (nizam islami) als enige alternatief voor de moderniteit/hegemonie van het westen. Zoals Bassam Tibi heeft uitgelegd, bestaat er een verschil tussen de universele waarden die het westen hoog houdt en de manier waarop die in de praktijk worden nageleefd. Misschien houden westerse landen zichzelf in de internationale politiek niet altijd aan hun eigen hoge ethische standaard maar de waarden zelf zijn goed en universeel toepasbaar voor elk land en elk volk. (3)

Wat moet je met historische feiten?

Veel islamcritici stappen argeloos in de beeldvorming die islamisten bewerkstelligen, die van de ‘belegerde islam’ waar de rest van de wereld vijandig tegenover staat en die in zijn geheel wordt verworpen, omdat islamisten denken zelf de ‘ware islam’ te vertegenwoordigen en moslims van andere denominaties niet eens tot hun geloofsbroeders rekenen, maar tot de ongelovigen of huichelaars. Helaas doen steeds meer intelligente mensen in het westen een duit in dat zakje, door te bevestigen dat de islam door-en-door politiek is (omdat Mohammed wereldlijk en religieus gezag verenigde), terwijl de islam vanaf de periode van de Oemayyaden al een scheiding kende van wereldlijk en religieus gezag. Maar goed, waarom zouden we historici, hoog opgeleide moslims en islamkenners moeten geloven? De koppeling ‘emotie’ en ‘associatie’ werkt veel sneller en mensen zijn de islam na veertig jaar politieke correctheid van links toch al zat, dus: ‘Val me niet lastig met feiten, mijn mening staat vast!’

Wilders aan de macht

Niet gestoord door de realiteit van de politieke situatie (ook ik denk dat Wilders premier kan worden), blijf ik doorgaan met mijn historische, theologische en filosofische onderzoekingen om daar bij tijd en wijle anderen mee lastig te vallen. Zo heb ik het artikel van Ajouaou dan ook als bijzonder leerzaam ervaren en ik sluit daarom af met nog een citaat:

‘Bij gebrek aan dit historisch besef grijpt Vervaet als een ware oriëntalist naar abstracte en vage theologische begrippen uit de middeleeuwen in zijn poging hedendaagse moslims te begrijpen – precies zoals islamisten doen. Die menen ook de hele hedendaagse wereld te begrijpen vanuit de koran en de vroegere tradities.’

Ik denk dat in dit verband het woord ‘oriëntalist’ wel gerechtvaardigd is, hoewel we er voorzichtig mee moeten omspringen. Het wordt tenslotte ook door islamisten gebruikt om hun critici de mond te snoeren, net als met de verfoeilijke term ‘islamofobie’, maar ik verdenk Ajouaou niet van zo’n dubbele agenda. Zijn boek heeft me verrast en een aantal dingen voor me verhelderd, dan wel bevestigd. Moslims kunnen ook kritisch zijn naar hun eigen geloof, maar niet als ze permanent over één kam worden geschoren met mensen waar ze zichzelf en hun traditie niet mee kunnen identificeren. Ik begrijp dat die laatste zin weer ontzettend ‘links’ overkomt, maar in het verkeer op straat kan ik ook niet alleen maar rechts afslaan, want dan blijf ik op de plek waar ik ben.

Sven Snijer




(3)’Eén van de kenmerkende stellingen van het humanisme was altijd, dat er een algemeen-menselijk ethisch oordeel bestaat, dat onafhankelijk is van enige godsdienst.’Dr. A. L. Constandse, ‘Geschiedenis van het Humanisme in Nederland.’



Lees ook het artikel van Geband van Joop:

De drie posities in het islamdebat
http://gebandvanjoop.blogspot.nl/2016/03/de-drie-posities-in-het-islamdebat.html