woensdag 11 maart 2015

Mijn niet-moslim kind in de schoolklas


De openbaringsreligies Jodendom en christendom zijn gemarginaliseerd en gedomesticeerd in onze cultuur. De Paus kan wel vertellen hoe hij graag wil zien dat de gelovigen zich gedragen, maar we hoeven het niet op te volgen, want er volgt geen gevangenisstraf als we weigeren en voor fysiek geweld hoeven we ook niet bang te zijn. De islam, dat is een ander verhaal, want kritiek hebben op de islam heeft wel degelijk gevolgen en daarom is er een klimaat ontstaan van zelfcensuur onder westerlingen. 

Als er in de klas gesproken wordt over de aanslagen in Parijs en veel moslimleerlingen zeggen dat het niets met de islam te maken heeft is dat een flagrante leugen. IS heeft wel met de islam te maken. De extremisten voeren precies uit wat er in de Koran en hadith staat beschreven. Het vernielen van kunstschatten van de Assyriërs in Irak is naar voorbeeld van hun profeet die de afgodbeelden in de Kaaba kapot sloeg. Het onthoofden van vijanden van de islam staat in de Koran beschreven(1).  

In die tijd waren de dichters de journalisten/columnisten van de samenleving en Mohammed gaf zijn metgezellen opdracht om een oude spotdichter in zijn huis te laten vermoorden, zoals dictator Poetin dit nu doet met zijn critici in Rusland. We spreken openlijk over de historie van de slavernij en hoe vreselijk dat was, maar we spreken niet openlijk in de schoolklas over de slaven die Mohammed verkocht, de vrouwen en kinderen die hij na een veldslag verdeelde onder zijn  mannen. Moet er voor de islam een uitzondering worden gemaakt omdat het gevoelig ligt?

'Back to basics'

Het geweld van de extremisten is geen verdraaiing van de islamitische leer, maar ‘back to basics’ want zo begon de islam, met militaire expansiedrift. Mohammed was behalve een geestelijk leider ook een militair en politiek leider. Extremisme in het christendom (kruistochten) of het Boeddhisme (Myanmar) kun je niet terug voeren naar de leer van Jezus of Boeddha. Er is geen tekst van Jezus of Boeddha waar religieus geweld toe te herleiden is en als er geweld voorkomt in deze religies dan is het feitelijk een verdraaiing van de leer.

Vanwaar die terughoudendheid om kinderen historisch besef bij te brengen als het gaat om de islam? Dat hangt samen met het gegeven dat de islam nooit godsdienstkritiek heeft gekend zoals in het westen en elke kras op de reputatie van de profeet een ondermijning is van de geloofwaardigheid van de islam en de Koran. Maar in de westerse seculiere wereld staat geen enkele religie boven wetenschap en historisch onderzoek. De islam en de profeet dus ook niet. Deze terughoudendheid kan niet worden verklaard  met respect voor een geloof, maar met angst voor de gewelddadige reactie van mensen die denken dat religie boven de rede staat.

Respect of angst?

Mijn kind zit niet op een islamitische school, maar een openbare school in een seculier land in een westerse samenleving. Er zijn weinig leerkrachten die het aandurven (of het historisch besef niet hebben) om de link te leggen tussen het leven en de handelingen van de stichter van de islam en de daden van IS. Dat is het volgende probleem, want ik ben van mening dat leerkrachten en schoolbesturen gewoon bang zijn en het onderwerp van de historische daden van de profeet angstvallig uit de weg gaan. We hebben gezien wat er gebeurde met de leraar op het Kennemer college (die een poster van Charlie Hebdo ophing). Die moest diep door het stof en in iedere klas zijn excuses aanbieden. Een sterk overtrokken reactie uit angst voor problemen met moslimleerlingen en hun ouders.

Moslimleerlingen moeten een tegengeluid krijgen, de echte discussie moet worden aangegaan. Leerkrachten en anders gelovigen moeten in de klas vrijuit kunnen vertellen dat zij toch wel hun vraagtekens zetten bij de barmhartigheid van de profeet en de aanname dat hij de beste mens was die ooit heeft bestaan.
Als je moslimkinderen niet zelf laat nadenken en twijfelen over wat ze vanaf hun geboorte ingeprent hebben gekregen, heb je de slag al verloren. En nee, het is niet uitsluitend aan moslims om die discussie in eigen gelederen te voeren. Ik ben geen moslim en ik heb daar evenveel recht toe, want de islam stuit op de waarden van de westerse samenleving.

Ik zeg tegen mijn zoon dat hij zijn mond moet houden als de moslimkinderen in zijn klas weer eens de Joden de schuld geven of lyrisch lopen te doen over hun profeet. Waarom? Omdat hij een kind is en die last niet hoeft te dragen, want je kunt er de donder op zeggen dat hij dan de pispaal wordt of voor ‘kankerjood’ wordt uitgescholden. Maar het is een trieste constatering dat ik als ouder al rekening moet houden met geweld als mijn zoon wel een kritische vraag zou stellen over de islam. Dat je daar in 2015 rekening mee moet houden, omdat je weet dat geweld door moslims een realiteit is. Je mond houden op een openbare school in een seculier land in de westerse wereld, omdat de politiek veertig jaar lang heeft weggekeken en ook scholen daardoor in een kramp schieten. De geschiedenis van de profeet moet van een hagiografie veranderen in een biografie, dan pas zijn ook niet moslimkinderen en leerkrachten vrij om zonder angst te discussiëren over de minder fraaie kant van de stichter van de islam. Zodat er niet steeds een vervalste discussie wordt gevoerd over het religieus geweld dat dagelijks tot ons komt via de media, waarvoor nu enkel het lapmiddel wordt ingezet van respect voor ieders geloof.

Ranada van Kralingen

Update 1 februari 2017


1 op 9 leraren vermijdt gevoelige onderwerpen in de klas
http://www.ad.nl/nieuws/1-op-9-leraren-vermijdt-gevoelige-onderwerpen-in-de-klas~aa173fdc/



Update 29 maart 2015: 

Dialoog tussen Joden en moslims (NRC) 

Ingezonden brief: maart 2015


Jodenhaat onder moslims gaat dieper

Maarten van der Heijden bepleit voor het bevorderen van de dialoog tussen joden en moslims (21/3) . Dit zou het wantrouwen tussen beide groepen kunnen verminderen. Hij put hoop uit onderzoek waaruit blijkt dat jonge moslims die joodse gemeenten hebben bezocht,  minder negatief over joden zijn gaan denken.  Maar bij het antisemitisme onder moslims gaat het om meer dan de vraag of joden al of niet te vertrouwen zijn. Ik heb als vader van twee joodse meisjes een generatie op een gemengde school in Amsterdam-West kunnen vaststellen hoe sommige moslimkinderen worden opgevoed. Zoals Ashraf, die elke keer als ik mijn kinderen van school haalde, spontaan in zingen uitbarstte: “joden moet je doden.” Of het zwakbegaafde meisje Manar, dat mijn dochter met regelmaat kwam vertellen dat haar familie naar school zou komen om haar te vermoorden.  Let wel: het gaat om kinderen die tien, twaalf jaar oud waren en inmiddels volwassen zijn, pakweg de generatie van de Syriëgangers.  Het overwegend autochtone personeel van de school vond niet dat er een grens werd overschreden.  “Waar twee vechten, hebben er twee schuld” was het devies.  Wel zei mijn jongste dochter dat het geen pas gaf ‘om kritiek te hebben op de islam’. Het tolereren van dergelijk gedrag vormt een ernstige bedreiging voor de rechtsstaat. Dat bepaalde bevolkingsgroepen vogelvrij zijn of moord een gerechtvaardigd middel  is om de eer van de profeet te wreken, is niet te rijmen met de deelname aan het democratisch proces. De school heeft een taak laten liggen. De wet noemt burgerschapsvorming als een kerndeel van het onderwijs. Daar zou eens werk van gemaakt moeten worden.

Karl de Leeuw, Amsterdam


(1)Quranic verses that dictate beheading Kaffirs:

5:33-“The punishment of those who wage war against Allah and His Messenger, and strive with might and main for mischief through the land is: execution (by beheading), or crucifixion, or the cutting off of hands and feet from opposite sides, or exile from the land: that is their disgrace in this world, and a heavy punishment is theirs in the Hereafter;”

8:12- “I will instill terror into the hearts of the unbelievers: smite ye above their necks and smite all their finger-tips off.”

47:4-  “Therefore, when ye meet the Unbelievers (in fight),  strike off their heads;  at length; then when you have made wide Slaughter among them, carefully tie up the remaining captives”: thereafter (is the time for) either generosity or ransom: Until the war lays down its burdens.”

Update 16 november 2015: Vandaag werd er op de school van mijn zoon de slachtoffers herdacht van de aanslagen in Parijs. Ook was er een discussie over de aanslagen. Leerlingen vertelden in de klas dat er in de Koran staat: "dat wie een mens doodt, de wereld doodt."  Dat kan zo zijn, maar daarmee ga je de discussie over de legitimatie van geweld, de haatzaaiende teksten die ook in de Koran en Hadith staan uit de weg. Mijn overtuiging is dat je als leerkracht niet moet meegaan met het verhaal dat de aanslagen niets met de islam te maken hebben. Dat hebben ze wel, maar het is niet het hele verhaal. De Koran is op zijn zachtst gezegd een knap verwarrend boek met tegenstrijdige teksten. Je zult leerlingen (omdat ze dit van huis uit niet meekrijgen) moeten gaan vertellen over de bloeiperiode van de islam tussen 900 en 1500 toen de islam onder andere westerse invloeden toevoegde aan hun religie en op die manier sterker en ontwikkelder werd. Het was met name door westerse, Indische en Perzische invloeden dat de islam zich wetenschappelijk, filosofisch en cultureel kon ontwikkelen. Ook de islamitische mystiek, het soefisme heeft een verzachtende en humaniserende werking gehad op het oorspronkelijke islamitisch geloof dat voor een belangrijk deel op oorlogvoering gebaseerd was (de Arabische expansie). 

Als leerkrachten vertellen dat ze zelf de Koran en de Hadith niet hebben gelezen en meegaan in de flagrante leugen dat de aanslagen niets met de islam te maken hebben en geen onderscheid maken tussen de islam en islamisme, (de politieke islam die ontstond vanaf 1928) dan verwar je moslimleerlingen alleen nog maar meer. Er zullen meer aanslagen volgen en als leerkrachten op hun veilige politiek-correcte en vaak onwetende eilandje blijven zitten met een grote roze bril op hun neus dan zal dat leerlingen, moslim en niet-moslim, niet helpen. Ik roep leerkrachten op zich te verdiepen in het verschil tussen islam en islamisme. Daarbij raad ik ze aan de artikelen op deze blog te lezen en dan met name 'De halve waarheid in het islamdebat - Deel 1 en 2' en 'Ideologische oorlogsvoering tegen het westen' (zie links hieronder). Hierin valt ook duidelijk te lezen dat het moderne antisemitisme in de islam weinig van doen heeft met de Palestina kwestie die vooral als bliksemafleider wordt gebruikt, door moslims in Europa die nog nooit van de islamitische Broederschap gehoord hebben. Hiermee krijgen leerkrachten handvatten bij netelige kwesties en moeilijk vragen van moslimleerlingen betreffende islam, moderniteit, terrorisme en antisemitisme.

Ranada van Kralingen 


Update 2 februari 2016:





vrijdag 6 maart 2015

Islam – Een religie in constante staat van schizofrenie

Het is spijtig dat mensen in de islamitische gemeenschap die een positief geluid willen laten horen over hun geloof -speciaal met het doel om de jeugd te bereiken- toch weer moeten worden tegengesproken, omdat ze met hun welwillende houding net iets teveel door een roze bril hebben gekeken. Neem nu hoofdredacteur van de Moslimkrant Brahim Bourzik, tevens oud-gemeenteraadslid van Rotterdam en vader van twee opgroeiende pubers. Hij brengt in juni de glossy ‘Mohammed’ uit in navolging van Linda, Maarten, Matthijs en Jezus waarvoor hij wordt geïnterviewd door het Algemeen Dagblad. (1)

Ondanks de eigentijdse insteek en het populaire taalgebruik van Bourzik ‘Mohammed was sexy’ (‘cool’), wordt aan de hand van de vragen van de interviewer toch duidelijk dat ook hij met de ongemakkelijke waarheden over Mohammed op een wat ontwijkende manier omgaat. Het is geheel en al de leuke Mohammed die hij wil uitdragen en de schaduwzijde van zijn profeet moet ‘begrepen worden in de context’. Het historische excuus, dat het voor de tijd waarin het zich allemaal afspeelde heel normaal was wat de profeet deed en er dus niets in de koran of de islamitische overlevering te vinden is waar we ons nu ethische zorgen over moeten maken. Dat een flink deel van de moslims vandaag de dag veel dingen uit hun historische context haalt en ook nu nog letterlijk gelooft en in de praktijk brengt, wordt wederom vertaald als het ‘kapen’ van het geloof door radicalen voor hun politieke doeleinden. Alsof Mohammed zelf niet aan de gewapende strijd meedeed, geen politiek macht bekleedde en geen tegenstanders liet ombrengen die zijn 'goede' boodschap bespotten. Het bekende sprookje van ‘islam is vrede’ voor wie al het geweld dat tijdens en na de dood van Mohammed alomtegenwoordig was in de moslimwereld maar een bijkomstigheid vindt.

Het wordt natuurlijk erg moeilijk voor moslimjongeren om te begrijpen waarom er wereldwijd wordt gevochten uit naam van de islam, als je iedere keer blijft ontkennen dat geweld een integraal deel is van het geloof en dat alleen moderne en ontwikkelde moslims zich daar in de latere tijd van gedistantieerd hebben. Het is lastig voor moslims om het op die manier te zeggen. Je ergens van distantiëren is vanuit het geloof gezien problematisch, want als je het één verwerpt, waarom dan ook niet het ander? Het hoorde tenslotte allemaal bij de prediking van één persoon, de barmhartige kant van de profeet, zijn humor, de spirituele zoektocht die leidde tot zijn openbaringen, de oppositie die hij ondervond en zijn reactie daarop, zijn militaire acties en zijn kindbruidje Aisha. Waar moslims keer op keer mee in verlegenheid komen, is dat ze onmogelijk de barmhartigheid van hun profeet kunnen rijmen met de opdracht die hij gaf aan zijn metgezellen om critici van zijn leer om het leven te brengen (een oude dichter in zijn eigen huis, een zwangere vrouw in haar buik gestoken door een metgezel van de profeet, enz). En daarnaast het pijnlijke gegeven van huwelijksverbintenis met een kind van zes waarvan de consummatie werd voltrokken toen ze negen of tien was.

'Beeldvorming'

Met name op dat punt valt Bourzik voor mij door de mand met zijn positieve initiatief, dat toch weer grotendeels gebouwd is op het bagatelliseren van bepaalde onfrisheden. Dat is en blijft het verschil tussen een hagiografie (‘Heiligenleven’) en een gewone biografie, waarbij de minder leuke kanten van een historische persoon normaal gesproken niet uit de weg worden gegaan. Van Churchill weten we dat hij minder fraaie karaktertrekken had, want vooral in zijn vroege politieke carrière kon hij vrij meedogenloos zijn, maar zijn goede karaktereigenschappen vinden we uiteindelijk zwaarder wegen. Dat betekent echter niet dat we zijn donkere kant dan maar een beetje wegpoetsen en net doen alsof dat een vergissing was of ‘beeldvorming’ door de media, wat we regelmatig horen van moslims als het over hun geloof gaat. Als de AD-interviewer Bourzik voorlegt dat Wilders zijn profeet een pedofiel noemt, verdedigt hij zich met de historische context:  ‘Mohammed was inderdaad getrouwd met een 12-jarig meisje. Hij leefde in een tijd van oorlog. Veel vrouwen hadden hun man verloren, gezinnen leden honger. Mohammed ontfermde zich juist over dit meisje’. Om te beginnen maakt hij haar gauw een paar jaar ouder (dan de leeftijd van haar eerste geslachtsdaad), dan stelt hij dat het ‘een tijd van oorlog was’, alsof dat niet direct met het verschijnen van de islam zelf te maken had en hij eindigt met het wegwuivende statement dat er ‘veel honger’ was en Mohammed zich enkel over haar ‘ontfermde’. Een vreemde manier om seks met een negen of tienjarig meisje te omschrijven! Je zou toch denken dat Mohamed voor zijn vleselijke verlangens genoeg andere vrouwen had waar hij zijn gerief bij kon halen. Ik word helemaal onpasselijk als ik lees dat de religieuze legeraanvoerder aanvankelijk nog af en toe bij zijn kindbruidje kwam zitten om te zien hoe ze ‘samen met haar vriendinnetjes met poppen speelde’. (Dit was voor de consummatie van het huwelijk, maar toch.)

De onbetwiste status

In het kader van aanzwellende maatschappelijke kritiek op het sterk verbreide antisemitisme onder moslims, komt Bourzik met wat anekdotes over vriendelijke bejegening van joden door de profeet, waaruit de goedheid van zijn hart zou blijken. En wie durft te beweren dat hij die kanten ook niet had? Het probleem dat westerlingen hebben met de islam is niet dat ze van mening zijn dat er niets goeds in deze religie te vinden is (het islamitische soefisme droeg veel bij aan de filosofie, kunst, literatuur, wetenschap en muziek), maar dat er nooit gesproken mag worden over de pijnpunten van het geloof, vooral wat betreft Mohammed, omdat er met iedere kras op de reputatie van de profeet er automatisch een tik wordt uitgedeeld aan de geloofwaardigheid en onbetwiste status van de koran, die van deze ene persoon afkomstig is. De initiatiefnemer van de Mohammed-glossy zegt weliswaar dat Mohammed een joodse vrouw had die hem intellectueel stimuleerde (Safiyah bint Huyayy), maar vergeet erbij te vermelden dat hij met haar trouwde nadat haar stam onverhoeds werd aangevallen door het moslimleger (toen ze op weg waren om te werken op hun akkers), waarbij talloze stamleden en het stamhoofd werden gedood en haar eigen man doodgemarteld om hem te laten bekennen waar de schatten waren begraven. (2) Bovendien had zij als oorlogsbuit weinig tijd om te rouwen om haar man, want kort na de oorlogshandelingen werd het gedwongen huwelijk geconsumeerd.



Als op deze manier de islam en haar profeet ‘leuk’ gemaakt moeten worden, dan zie ik het als een positieve vorm van misleiding, die kinderen -moslims en niet-moslims- geen snars wijzer maakt ten aanzien van de vraag waarom het altijd de islam is die ‘gegijzeld’ wordt. Want hoe is het toch mogelijk dat de ‘Gandhi van het Midden-Oosten’ een religie voortbracht die zich zo overduidelijk met militaire expansiedrift manifesteerde? Waarom wordt  Omar, de tweede opvolger van de profeet, vooral gezien als een geniaal legeraanvoerder en kennen we hem niet als iemand die vredesmarsen hield voor een betere wereld? Het is misschien makkelijk praten voor mensen  veertienhonderd jaar later over de gebeurtenissen van toen, in een andere tijd en omstandigheden, maar bepaalde zaken zijn zelfs in het licht van die tijd ‘opmerkelijk’ te noemen. En was het bovendien niet zo dat de islam juist werd geopenbaard om de morele standaard van de mensen te verheffen? Ik kan me niet voorstellen dat het werkelijk de wil van Allah was dat de profeet een tienjarige ontmaagde. In één van de overleveringen komt overigens een anekdote voor die tot uitdrukking brengt dat sommige tekenen die Mohammed ontving (dromen) soms wel erg in zijn straatje vielen, wanneer de vrij intelligente en bijdehante Aisha de profeet toewerpt dat ‘Allah wel heel snel is om zijn wensen te vervullen’.

Pythagoras, Boeddha en Jezus

Maar ook de historische context zelf kunnen we relativeren door nog verder terug te gaan in de tijd en te constateren dat de spirituele leer van de filosoof, wiskundige en mysticus Pythagoras (600 v chr) geweldloos was, dat de leer van de Boeddha (500 v chr) geweldloos was, die van zijn tijdgenoot en ‘concurrent’ Mahavira ook, die van  Jezus (600 jaar voor Mohammed) eveneens, waardoor er een theologisch-spirituele vraag rijst naar de legitimatie van het geweld om het ‘geloof te verdedigen’ zoals moslims het graag formuleren, zonder te erkennen dat het optreden van Mohammed en zijn volgelingen ook offensief was (de aanval op Mekka). Als ik op Wikipedia over de geschiedenis van de islam lees, met haar soms erg eufemistische uitdrukkingswijzen, schiet ik haast in de lach. Zo staat er bijvoorbeeld  “…en toen kwam er een ‘gelegenheid’ om een karavaan te onderscheppen’. Wie dat vertaalt naar normale, niet-religieuze geschiedschrijving leest: “..en toen besloot Mohammed om nog een karavaan te plunderen’. Op die manier kun je de minder prettige kanten van een geloof natuurlijk zo aankleden dat het lijkt alsof er niets vreemds gebeurt, dat niet op de één of ander manier zijn rechtvaardiging vindt in het ‘ware geloof’, maar in werkelijkheid worden er oorlogshandelingen uitgevoerd en de motieven daarvan zijn voor degenen die ze ondergaan van geen enkele betekenis. Handelaren vinden gewoon de dood door toedoen van een militaire leider die een geloof wil verspreiden.

Binnenkort zullen we in een glanzend tijdschrift getrakteerd worden op de aaibare, humoristische, barmhartige en rechtvaardige profeet en legeraanvoerder Mohammed, die de wereld wilde verrijken met een religieuze boodschap, waarbij hij soms een paar kleine hobbeltjes te nemen had om mensen duidelijk te maken dat het echt voor hun eigen bestwil was om zich te onderwerpen aan zijn nieuwe (of verbeterde) leer. De ‘mens’ Mohammed zal in beeld komen en kleur geven aan de saaiheid van het geloof -de Arabische preken en alle religieuze verboden waar de moslimjeugd in Nederland op dit moment het geloof nog mee associeert-  zodat ze zullen ontdekken dat er ook veel mooie en interessante dingen te vinden zijn in hun geloofstraditie. Deze verrijking van hun kennis heeft echter weer een paar belangrijke omissies en zal het begrip van de positie van hun religie in wereld niet vergroten, maar ze achterlaten in een constante staat van schizofrenie, omdat ze vriendelijk worden voorgelogen en geen verklaring krijgen voor de reden waarom miljoenen moslims op de wereld van mening zijn dat geweld wel een legitiem onderdeel is van het geloof en dit dagelijks in de praktijk brengen


Sven Snijer
Ranada van Kralingen