woensdag 6 september 2017

Benali draait om de hete brij heen



In één opzicht had Abdelkader Benali het bij het rechte eind met zijn artikel in Trouw ‘Van homeopatische verdunning naar seksuele verdunning’(1) en dat is zijn constatering dat Thierry Baudet en Theo Hiddema een verschillend geluid laten horen over de integratie van allochtonen (lees moslims) in Europa. Waar Thierry Baudet enigzins neigt naar ideeën die een soort raszuiverheid bepleiten, waarbij het hem waarschijnlijk meer gaat om de joods-christelijke culturele waarden van Europa dan het Europese ras ‘an sich’ probeerde zijn wing-man Theo Hiddema de domme uitspraken van zijn partijleider op dit gebied een beetje te relativeren door aan te geven dat je de integratieproblematiek beter kan oplossen zonder er een etnische kwestie van te maken. Uiteindelijk is het voor Hiddema het islamitisch geloof dat de integratie bemoeilijkt en enkel indirect de etniciteit, omdat veel allochtonen hun identiteit koppelen aan hun religieuze beleving. Zo zijn het vooral Marokkanen die hun identiteit met hun geloof associëren (relatief veel Syrië-gangers) maar ook bij Turken die in de regel meer nationalistisch zijn dan islamitisch zien we een trend om steeds vaker die nationale identiteit te bekrachtigen met het geloof, getuige de talloze malen dat we grote leider Erdogan met een koran in de hand op een podium het westen hebben zien uitkafferen. Dat is waar Hiddema op doelde met zijn uitspraken gedaan in het radioprogramma ‘De overnachting’.

De trein van Erdogan

De islam is natuurlijk geen ras, maar veel volkeren en culturen identificeren zich met de islam. Daarom had Pim Fortuyn het indertijd over de islam als ‘achterlijke cultuur’. Een grote optocht met Turkse vlaggen in Rotterdam of in Amsterdam West voor Erdogan en zijn meedogenloze vervolging van Gülenisten die zij ondersteunen is niet slechts de reactie van een getraumatiseerd volk dat is geschrokken van een mislukte coup, want Turkije heeft een lange geschiedenis van al dan niet geslaagde staatsgrepen. Nieuw in deze ontwikkeling is dat de religie een veel sterkere rol is gaan spelen in het Turkse nationale bewustzijn en dat de tirades die Erdogan heeft gehouden tegen Europese landen en hun leiders en zijn beschuldiging dat wij hier in Europa allemaal nazi’s en fascisten zijn een direct verband heeft met de politieke islam die steeds meer in de Turkse samenleving heeft wortel geschoten. Typisch daarbij is dat juist die politieke islam via Seyyed Qutb veel inspiratie heeft ontleend aan dezelfde bronnen als waar Hitler destijds uit putte voor het schrijven van Mein Kampf (Protocols of the Elders of Zion) zodat het een duidelijk voorbeeld is van ‘de pot verwijt de ketel’. Maar los van zijn hypocrisie, een man die heeft gezegd dat de democratie niet meer is dan een trein en dat ze zullen uitstappen zodra het ‘station’ bereikt is (Neo-Ottomaans rijk) kunnen we per definitie niet serieus nemen in zijn opinies. Maar wel in zijn gedragingen en daar gaan de zorgen over van Theo Hiddema en een heleboel anderen voor wie vrijheid en democratie meer zijn dan holle frasen ter camouflage van andere doelstellingen.

Democratie zonder Constitutioneel hof

Op verschillende punten is Theo Hiddema een nuchterder en minder emotioneel politicus dan zijn jongere partijleider en gelukkig heeft hij deze opmerking over raciale vermenging gemaakt, zodat we ook nog een beetje kunnen lachen ondanks de ernst van de situatie. Waar velen inclusief Benali de mist ingaan, is dat ze zich obsessief richten op het woord ‘rassenvermenging’, terwijl dat helemaal niet de voornaamste kwestie is. In essentie heeft rechts (in tegenstelling tot extreem-rechts) geen probleem met andere rassen, maar wel met de sociaal-culturele achteruitgang van onze samenleving als we in toenemende mate rekening moeten houden met geloofswaarheden die een hoog middeleeuws gehalte hebben. Men is niet bang voor Turken of Marokkanen op zich, maar voor een islamitische cultuur waarin geloofskritiek verboden is en geloofsafval eveneens. Dit zorgt ervoor dat huwelijken tussen autochtonen en islamitische allochtonen nauwelijks voorkomen en dat is niet alleen een etnische kwestie, maar veel meer een sociaal-culturele kwestie met uiteindelijk politieke gevolgen.(2) De politieke islam die onder jonge moslims terrein wint, heeft openlijk als doelstelling de vervanging van de democratische rechtsstaat door een samenleving met islamitische voorschriften. Lang niet altijd door geweld te gebruiken zoals door terroristen-jihadisten, want een aantal onder hen is geduldig en denkt dit klusje ook te kunnen klaren via de stembus. Omdat Nederland net als veel andere landen niet beschikt over een Constitutioneel hof dat de democratie beschermt tegen zichzelf, kan in theorie een meerderheid van anti-democraten de democratie per stemming afschaffen. Dat is wat politiek rechts op lange termijn als doemscenario voor zich ziet en heel denkbeeldig is het niet, omdat op bescheiden schaal islamitisch recht al wordt toegepast in bijvoorbeeld het Verenigd Koninkrijk (en illegaal in Denemarken) waar de islam nog duidelijk een minderheid is.

Channel-4 reportage

In datzelfde Verenigd Koninkrijk zagen we al zo’n tien jaar geleden via een Channel-4 reportage (3) dat in de achterkamertjes van de grootste moskee in dat land onversneden haat tegen het westen werd gepredikt, terwijl aan de voordeur de Engelse minister van cultuur werd verwelkomt om hem te vertellen over hun initiatieven voor meer tolerantie en integratie. Daarmee is niet gezegd dat alle moslims een geheim plan hebben om heel Europa te islamiseren, maar het is wel een feit dat extremistische predikers wereldwijd veel meer gehoor vinden en een duidelijkere stem hebben dan hun gematigde geloofsbroeders. Het grootste gevaar bij zowel de traditionele islam als de politieke islam is dat velen van hen niet de culturele erfenis hebben meegekregen van het verlichtingsdenken, de ontmythologisering van geloofswaarheden door de wetenschap en de ontkerkelijking, zoals die in Noord-Europa een feit werd zodat ze nog altijd leven met een collectieve overtuiging dat Allahs’ wetten beter zijn dan door mensen gemaakte wetten. Deze bewuste en deels onbewuste afkeer van het secularisme en het segregerende karakter van de islam met haar talloze voorschriften over wat ‘rein’ of ‘onrein’ is zal geen probleem vormen zolang de islam een minderheid vormt, maar als moslims in aantal significant toenemen zal de druk op ons seculiere, op humanistische principes en wetenschappelijke instituties gegrondveste samenleving steeds meer onder druk komen te staan door de religieuze en sociale voorschriften van de islam, omdat de islam niet slechts een geloof is, maar in veel opzichten ook een sociaal- en politiek model.

Baudet snapt het ook niet

Mijn voornaamste kritiek op Thierry Baudet betreft zijn eigen identificatie als ‘cultuur-christen’ wat zo’n beetje de slechts denkbare strategie is om onze westerse vrijheid en rationaliteit te verdedigen tegen een middeleeuws openbaringsgeloof.(4) Wij hebben inderdaad enige eeuwen last gehad van de christelijke onderdrukking van filosofie en wetenschap, maar gelukkig heeft bij ons het gezonde verstand het tenslotte gewonnen van het blinde geloof en de moderne seculiere wereldorde van soevereine natiestaten waar Baudet zo’n fan van is mogelijk gemaakt. In de dertigjarig oorlog (1618-1648) kenden wij in Europa nog gewoon katholieke en protestantse koninkrijkjes en vorstendommen waarvan de heersers elkaar probeerden uit te roeien met religieuze legitimatie. Teruggrijpen op onze christelijke wortels is dan niet bepaald de aan te bevelen gedragslijn als je de irrationele waanzin wil tegenhouden die meent boven alles te staan wat mensen hebben voortgebracht met hun eigen verstand en inventiviteit, door schade en schande politiek wijs geworden.

Zelfbeschermend mechanisme

Terugkerend bij het artikel van Benali moet ik constateren dat hij de plank niet alleen misslaat bij de verwarring rond etniciteit en religie die vaak hand in hand gaan, maar ook als hij spreekt over liefde als persoonlijke keuze en wilsvrijheid als beginsel bij amoureuze verbindingen loopt hij met een grote boog  om het probleem van religie heen. De islam verbiedt vrouwen te trouwen met een niet-moslim en een moslimman mag alleen trouwen met ‘mensen van het boek’(joden en christenen) wat alle andere geloven inclusief atheïsten erbuiten plaatst. En ja, dat is een belemmering voor de vermenging van volkeren en verdere integratie. Het is niet de ongelovige allochtone man die weigert een moslima te trouwen (wel als hij zich daarvoor moet bekeren tot de islam), maar het is de religie die een zelfbeschermend mechanisme heeft ingebouwd op dit punt. Daarbij is geloofsafval verboden in de islam en leidt dit bij ex-moslims tot volstrekte isolatie van vrienden en familie, waardoor zeer weinigen hiervoor durven te kiezen. In mijn vorige artikel heb ik het nog vrij recente voorbeeld aangehaald van de Egyptische geleerde Nasr Abu Zayd die wegens lichte kritiek op de islam in grote problemen kwam, (5) zowel beroepsmatig als privé, omdat de rechtbank hem op islamitische gronden dwong van zijn vrouw te scheiden als ‘afvallige’. Ik geloof best dat er ook moslims zijn die uit liefde trouwen en niet alleen via gearrangeerde huwelijken, maar we zien dat dit in negenennegentig van de honderd gevallen toch iemand van de eigen nationaliteit, etniciteit en religie betreft. 

Sven Snijer


Update 16 sept 2017: Tunesië heft het verbod op voor moslimvrouwen om te trouwen met een niet-moslim.


In Tunesië heeft president Beji Caid Essebsi de regering gevraagd het verbod op te heffen voor moslimvrouwen om een niet-moslim te trouwen, een wet die nog stamt uit 1973. Nu is het zo dat moslimvrouwen alleen mogen trouwen met een niet-moslim man als hij zich bekeert tot de islam en een certificaat van zijn bekering kan overhandigen. Tunesische mannen mogen wel met een niet-islamitische vrouw trouwen. In een seculiere staat gebaseerd op de grondwet van 2014 die het resultaat was van de 'Arabische lente', moeten volgens de president de rechten voor mannen en vrouwen gelijk zijn. Op Aljazeera werd het besluit van de Tunesische president omschreven als 'revolutionair in de islamitische wereld'. Islamitische geestelijken zijn tegen de maatregel van de president en noemen het een 'flagrante schending van de voorschriften van de islam'. Volgens vrouwenrechtenactivisten is het een belangrijkste stap vooruit, maar moet er nog meer gebeuren om de positie van vrouwen gelijkwaardig te maken aan die van de man. De volgende stap is het erfrecht hervormen, want nu hebben dochters in Tunesië volgens de islamitische regels recht op de helft van wat zonen krijgen. In een seculiere samenleving moet de grondwet hierin bepalend zijn en niet de religie. Het erfrecht ligt echter zeer gevoelig, want zelfs de eerste president van Tunesië Habib Bourgiba, die in 1956 polygamie afschafte in zijn land en vrouwen meer rechten gaf, durfde niet zover te gaan om het erfrecht te hervormen. http://www.aljazeera.com/news/2017/09/tunisia-lifts-ban-muslim-women-marrying-muslims-170914154657961.html
 




“Er komen steeds meer gemengde relaties, constateert het CBS, maar de verschillen tussen etnische groepen zijn groot. Bij migranten met een Turkse of Marokkaanse achtergrond blijft trouwen in de eigen groep de norm. 'Het is makkelijker om met iemand van dezelfde achtergrond te trouwen.”



 Ze zoeken naar extra hulpmiddelen, zoals het aan de beademing leggen van het zieltogende christendom en schamen zich er niet voor om bij de EO aan te schuiven als ‘cultuurchristenen’ om hun zo zwaar bevochten seculiere identiteit te overgieten met een sausje van christelijke waarden.”